is toegevoegd aan je favorieten.

Verzameling van Nederlandsch-Indische rechtspraak en rechtsliteratuur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Conservatoir beslag;.

servatoir beslag moet vallen, is uitzondering hierop niet volstrekt uitgesloten.

RvJ. Batavia 10Juli 1913. T. 100, blz. 215, met naschrift.

11. Volgens de bewoordingen van art. 223 I. R. kunnen slechts in conservatoir beslag worden genomen goederen, welke voor verduistering en voor vervoer vatbaar zijn, dus roerend goed (aldus ook RvJ Bat. 19 Mei 1905 T. 85 bl. 436).

RvJ. Batavia 34 Januari 1913. T. ioo, blz. 267.

12. De deurwaarder (van den RvJ.) is niet bevoegd uit te maken, of zekere lokaliteit, waar hij (conservatoir) beslag legt, is het kantoor eener naamlooze vennootschap.

HGHof 15 Mei 1913. T. 100, blz. 307, W. 3500.

13. Hoewel de wet den beslagene het recht toekent om onverwijld ineen voorafgaand tusschenproces tegen het (op last van den pres. van den RvJ. gelegd) conservatoir beslag op te komen, stempelt zij het niet gebruikmaken van deze bevoegdheid nergens tot een berusting, zoodat ook in het geding tot van waarde verklaring daartegen nog kan worden aangevoerd, dat het beslag onnoodig was.

HGHof 13 Mei 1913. T. 100, blz. 313, met naschrift.

14. Het verzoek tot conservatoir beslag, bedoeld bij art. 2231.R. is slechts dan voor inwilliging vatbaar, als het gedaan wordt tegelijk met of na de indiening der vordering terzake waarvan het beslag moet worden gelegd. De in dat art. voorkomende woorden: „zijn eisch te doen en dien te staven", kunnen slechts betrekking hebben op het geval, dat de hoofdvordering tegelijk met, dan wel vóór het verzoek om beslag is ingediend, doch in het laatste geval niet door den Landraad in behandeling is genomen, met name slaan zij niet op een eisch tot van waarde verklaring van het beslag.

RvJ. Semarang, a Januari 1914. T. 103, blz. 62.

15. Het achterwege laten vaneen voorafgaande beteekening van het presidiaal verlof tot conservatoir beslag dan wel van een voorafgaand bevel tot betaling is nergens op straffe van nietigheid van het beslag voorgeschreven.

Of er in een bepaald geval termen aanwezig zijn verlof te verkenen tot een conservatoir beslag, heeft alleen de President van den R. v. J. te beoordeekn, die daarbij niet aan wettige bewijsmiddelen is gebonden.

Gedaagde opheffing van het beslag — als onnoodig — vragende kan niet volstaan met de bloote bewering dat hij nimmer van zins geweest is om zijne goederen te verduisteren, doch moet summierlijk de ondeugde-