is toegevoegd aan je favorieten.

Verzameling van Nederlandsch-Indische rechtspraak en rechtsliteratuur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ingebrekestelling.

verkooper uitgebrachte sommatie, tot de slotsom komt, dat de kooper behoorlijk is gesommeerd tot datgene, waartoe hij volgens de koopovereenkomst verplicht was, heeft de verkooper er geen belang bij of die verplichting ten rechte dan wel ten onrechte als een verplichting tot levering is gekwalificeerd.

HGHof »i October 1909. T. 93, blz. 428, W. 2444. Vonnis a quo zie: Eerste vervolg der verz. blz. 11 sub 5.

5. Eene in gebreke stelling komt alleen te pas, wanneer de schuldeischer het bewijs wil leveren van zijn verlangen om de verbintenis te doen uitvoeren en het verzuim der schuldenaars om daaraan gevolg te geven, doch zij heeft geen zin, wanneer de schuldenaar zijn wil heeft te kennen gegeven om de verbintenis te verbreken door het verrichten van eene daarmede strijdige handeling.

Art. 1243 B.W. eene in gebreke stelling voorschrijvend, veronderstelt het vragen van vergoeding wegens het niet tijdig voldoen der verbintenis.

Wordt vergoeding gevraagd wegens de ontbinding der verbintenis dan is in gebreke stelling geen vereischte.

RvJ. Batavia (dagteekening niet vermeld) W. 2457.

6. De bepaling in een koopovereenkomst, dat bij wanlevering door den verkooper of weigering om in ontvangst te nemen door den kooper op den laatsten leveringsdag het contract verbroken zal zijn, toont duidelijk aan de bedoeling van partijen om de beëindiging hunner overeenkomst afhankelijk te maken van den fatalen termijn, zonder dat daarvoor rechterlijke tusschenkomst wordt gevorderd, hetwelk een alleszins geoorloofd beding vormt.

RvJ. Soerabaia 3 April 1911. T. 97, blz. 352.

7. Door den gedaagde te sommeeren tot levering van het door hem aan eischer verkochte perceel door overschrijving ten name van eischer tegen contante betaling der koopsom aan gedaagde, is eischer zijne verplichting tot betaling nagekomen.

RvJ. Batavia 2 Juni 1911. W. 2459.

8. Een ingebrekestelling moet zoodanig zijn, dat de ingebrekegestelde partij, zij het ook binnen een kort tijdsverloop, daaraan kunne voldoen. Immers men is niet in verzuim, wanneer niet de gelegenheid wordt geopend en geen tijd wordt gelaten te doen, waartoe vooraf is gesommeerd.

De sommatie om onmiddellijk te leveren 40 ton oud gietijzer en assen waar de gesommeerde niet dadelijk de noodige werkkrachten en transportmiddelen daarvoor tot zijne beschikking had, mist ingebrekestellende kracht.

HGHof 23 November 1911. T. 98, blz. 479, W. 2468.