is toegevoegd aan je favorieten.

Handboek tot de staatkundige geschiedenis van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1910); Gachard, Actes des Etals-Génèraux de 1600 (Bruxelles, 1849); Fruin, de Slag bij Nieuwpoort (in Verspr. Geschr., III, 225); C. A. van Sypesteyn, Het merkwaardig beleg van Ostende (Den Haag, 1887); De Hullu, De verovering van het land van Cadzand in 1601 (Breskens, 1904); Rodrigues Villa, Ambrosio Spinola (Madrid, 1905); Van Brakel, De Hollandsche Handelscompagnieën der 17e eeuw (Den Haag, 1908; waar verdere litt.); C. Ligtenberg, Willem Usselinx (in Utr. Bijdr voor Lett. en Gesch., IX; Utrecht, 1915); Blok, Een merkwaardig Aanvalsplan enz. (in Bijdr. en Med. H. G. XIX, 1); Noaillac, Lettres Inédites de Francais d'Aerssen d Jacques Valcke, tresorier de Zèlande, 1599—1603 (Paris, 1908); Vreede, Lettres et Nègociations de Paul Choart, Seigneur de Buzanval, et de Francais d'Aerssen, 1598, 1599 (Leyde, 1846; zie ook Codex diplomaticus H. G., II1); Jeannin, Nègociations, 4 dln. (Amsterdam, 1695).

III. DE HANDHAVING DER ONAFHANKELIJKHEID (1609—1648).

Er is geen aantrekkelijker tijdvak in onze geschiedenis dan dat besloten ligt tusschen de Tien Jaren, opgevat in den zeer ruimen zin, dien Fruin er aan gaf. Nooit grooter uitstorting van Nederlandsche volkskracht dan toen, onder den prikkelenden invloed van den strijd om vrijheid, onder begunstiging van de opeenhooping van veel kapitaal, uit het Zuiden afkomstig en in het Noorden gebruikt tot nieuwe kapitaalvorming. Handel, nijverheid en kunst voeren er wel bij. Maar de energie is geconcentreerd in enkele deelen. Het zijn de Hollander en de Zeeuw, die men ontmoet, waar men zich ook keert of wendt; het is in het bizonder de eerste^ wien de lust, om vreemde landen te zien, er te leeren en er zijn voordeel te zoeken, gepakt heeft. En alweer: in Holland en Zeeland zijn het enkele centra, die alles in zich samentrekken. Middelburg, dat het niet lang volhoudt, Dordrecht, waar men, bij aanneming van het nieuwe, zeer aan de oude traditie gehecht blijft, Leiden, zetel eener nieuwe, door de Vlaamsche ballingen sterk bevorderde industrie, Amsterdam, dat na 1576 een bizonder snelle ontwikkeling heeft doorgemaakt en nu wereldcentrum van den handel is geworden, evenals belangrijkst kunst-centrum in Nederland.

Een treffend onderscheid tusschen Noord en Zuid, die niet alleen gescheiden, maar elkanders tegenbeeld geworden zijn. Hier een der sterkste steunpunten van het Katholicisme, dat, verjongd door contra-reformatie en Jezuïeten, de Belgen geheel gewonnen heeft en hun geheele cultuur, naar Pirenne heeft duidelijk ge* maakt, doordrongen. Daar een land, waar de Calvinistische beweging haar merk diep ingezet heeft — ook in de cultuur —, hoewel