is toegevoegd aan je favorieten.

Handboek tot de staatkundige geschiedenis van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarvan reeds sedert jaren in de Overijselsche Staten een kwestie hangende was. En hij deed dit met groote heftigheid, zóó zelfs, dat de meerderheid der Staten, waar zijne oppositie in allerlei zaken wrevel gewekt had, hem schorste (1778). Dit bracht hem tevens voorgoed in onmin met Willem V, die zijn optreden tegen Engeland afkeurde en hem in het Overijselsche conflict niet wilde helpen. De sedert 1748 dreigende breuk tusschen Oranje en de „democraten'', voor wie hij spoedig de man wordt, was daarmede gekomen. Spoedig ziet men Van der Capellen in aanraking met die andere tegenstanders van Oranje, de regenten in Holland, die in de nieuwe buitenlandsche moeilijkheden een dergelijke rol spelen als tijdens den zevenjarigen oorlog. „Patriotten" noemen beiden zich nu met een dergelijke usurpatie van dit woord voor zich, als toen de regenten zich vroeger de voorstanders der „ware" vrijheid noemden.

De Amerikaansche opstand (uitgebroken: 1773) kwam hier te lande aan de politieke orde, toen Yorke in 1775 aan de StatenGeneraal verzocht, een verbod uit te vaardigen tot het uitvoeren van ammunitie naar West-Indië, ten einde smokkelhandel op Amerika te voorkomen. Aan dit redelijk verzoek voldeden de Staten zonder bezwaar (Febr. '75). Iets later <Oct.) vroeg Engeland de Schotsche brigade') bij wijze van gunst te leen: het was toen bezig een groot leger uit te rusten tot bestrijding van den opstand. Hiertegen kwam verzet van Holland, Zeeland en Utrecht; de overige gewesten waren er voor het verzoek in te willigen, zooals ook 's Prinsen wensch was, Overijsel niettegenstaande Van der Capellen er een zeer ongunstig advies over uitbracht, dat ook in het openbaar uitgegeven werd en groot gerucht maakte. George III koos nu de wijste partij en zag van het verzoek af. Eenige ontstemming was inmiddels in Engeland gewekt en zij werd er grooter, toen het verbod van ammunitie-uitvoer kwalijk gehandhaafd bleek. De Engelsche gezant kwam met klachten over smokkelhandel van St. Eustatius uit, waar de gouverneur ook de Amerikaansche vlag had laten salueeren. Veel deden de Staten niet, om aan de klachten tegemoet te komen. Echter kreeg de schout-bij -

') Overblijfsel van Schotsche regimenten, tijdens den opstand tegen Spanje in Nederlandschen dienst gekomen (zie Ferguson, Papers, illustrating the history of the Scots Brigade in the Netherlands, 1576—1782, 2 dln.: Edinburg, 1899). De Engelsche regimenten, in dienst der Republiek, waren tijdens den 2en oorlog met Engeland ontbonden.