is toegevoegd aan je favorieten.

Handboek tot de staatkundige geschiedenis van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

duld. Het dragen van Oranje werd een feitelijke verphchting, dm van overlast vrij te blijven. Ook buiten Holland werden de patriotten op dergelijke wijze behandeld. Zij werden bovendien uit de Generaliteitsambten verwijderd (o.a. Paulus). Van alle regenten, oude en nieuwe, werd een eed op de bestaande staatsregeling, met de waardigheden van WillemV als integreerend deel, gevergd (Febr. 1788). Dan legden de gewesten, bij de zgn. acte van garantie, nog verklaringen aan elkander af van een dergelijke strekking. Toen kwam een amnestie — met tal van uitzonderingen. De meeste der hiervan uitgestotenen hadden ondertusschen reeds het land verlaten. Geen wonder waarlijk! Men mag op ongeveer 5 a 6000 schatten degenen, die van October 1787 af uitweken, enkelen naar Amerika (o.a. Van der Kemp); een klein gedeelte, v.n. aanzienlijken, naar België, vanwaar ze later naar Frankrijk togen; de groote hoop direct naar Frankrijk: hier had de regeering steun aan de behoeftigen onder hen toegezegd'en zij verleende dien ook; een heele kolonie van Nederlanders vestigde zich te St. Omer, anderen te Parijs of elders.

Splitsing dus in het Nederlandsche Volk, als in 1619, maar nu in veel ernstiger mate. Erger was : de vreemde invloed, die zich in Nederland zelf vastzette. Harris' pohtiek voerde hiertoe noodzakelijk: de Fransche invloed weg — de alliantie van 1785 verviel van zelf — en de Engelsche er Voor in de plaats. Pruisen's pohtiek had dit niet tot doel, zij kwam er onwülekeurig toe: de inmenging in de Repubhek leidde van zelf tot een verwijdering van Frankrijk, die de invloedrijke Pruisische minister, Hertzberg, ook wel wenschte, en had toenadering tot Engeland ten gevolge. Reeds in October 1787 waren Engeland en Pruisen het er over eens geworden, dat de oude toestand in Nederland hersteld moest; dit was het werk van het eerste land, dat in ruil voor deze Pruisische tegemoetkoming zoo noodig bepaalden steun tegen Frankrijk had beloofd. Het sprak nu eigenlijk ook van zelf, dat na de overwinning de herstelde regeering verbonden met de hulpverleenende mogendheden aanging: zij werden in April 1788 geteekend in den vorm van defensieve alhantiën; zoowel Engeland als Pruisen garandeerden tevens aan de Staten de bestaande staatsregeling en zij deden dit ook onderling in de alliantie, die tusschen hen beiden gesloten werd (Aug. 1788). Zoo stond Nederland onder controle van twee groote mogendheden: het gevolg