is toegevoegd aan je favorieten.

Rome onder Clemens VIII (Aldobrandini) 1592-1605

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

want daar vlak bij had. dezelfde gravin de kerk van San/Bernardo in de grootste tvereering.

Flaminio Vacca vertelt ons, in zijne zoo belangwekkende: -„Memorie", dat in het jaar 1594 oud rnarmerwerk werd ontdekt, niet ver van de pas genoemde plaats, namelijk in de Thermen van Constantinus, het. terrein van de tegenwoordige villa Rospigliosi.

Nog in denzelfden hoek van Rome, namelijk bij de kerk Santa Susanna en wel onder het nonnen-klooster daarmee annex, vond men zuilen en hen standbeeld in de maand Augustus van het jaar 1603, en in hetzelfde jaar kwamen eenige mooie zuilen onderden toren van San Lorenzo in Lucina voor den dag.

Nu en dan geven de kronieken van Rome berichten over ontdekkingen, buiten de stad gemaakt. Misschien is de iafjstand er verantwoordelijk voor, dat ze dan dadelijk zulke groote proporties aannemen , . . Zoo hooren wij, dat ergens in de omgeving van de Eeuwige Stad een metselaar zoo gelukkig; is geweestlbij het sloopen van een huis een: „schat van misschien wel tienduizend scudi in gemunt geld aan te treffen." Nuishet een feitjdat de meeste opgravingen gedaan werden, steelsgewijze tenminste, om werkelijke waarden aan te. treffen en de opgravers worden dan ook doodleuk: „schatzoekers" genoemd. In dit geval zal dus het zuivere numismatische genoegen wel eenigszins beïnvloed zijn door meer materieele belangstelling!

Verreweg de belangrijkste vondst in den tijd van de regeéring van Clemens VIII — en de ontdekking van een schat in de zuiverste beteekenis van het woord — was wel die van de naar hem of zijne familie genoemde: „Nozze Aldobrandine", waar mijn vriend Dr. B. Nogara, van de Vaticaansche Bibliotheek, een van die prachtwerken aan heeft gewijd, die dat meest liberale wetenschappelijke instituut der wereld op waardige wijze vertegenwoordigen.

Zelfs deze buitengemeen scherpzinnige geleerde, die zich weer alle mogelijke moeite voor zijn onderwerp gegeven heeft, ook op het stuk van de plaats, waar dit meesterstuk der klassieke schilderkunst kan gevonden zijn, is niet in staat op dit !punt meer licht fe verspreiden. Hij moet het er bij laten te vermelden, dat het werk zijn naam ontleent aan de plaats, waar het 't eerst veilig opgeborgen werd, namelijk de villa Aldobrandini in de locahteit, die den naam: „Magnanapoh" draagt, dus waar wij die nog aantreffen bij den scherpen draai der via Nazionalei:■•