is toegevoegd aan je favorieten.

Japan en de buitenwereld in de achttiende eeuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kenbaar aan hun grooter afmetingen en vlaggentooi; het Siameesche ligt het meest op den voorgrond.

Enkele punten in de baai voor de Nederlanders van belang zijn Magome (bij het Chineesch eiland), waar ze hun sloepen borgen, en de tempel Go shin ji (Eerwaarde tempel des geloofs), waar hun begraafplaats was, Inassa geheeten1).

H. INTERNATIONAAL VERKEER EN NEDERLANDSCHE BEMIDDELING.

I. OOSTERSCHE HANDEL. § I. CHINA.

De handel der Chineezen behoort in zoover niet tot ons onderwerp, dat hij buiten alle bemiddeling der Nederlanders omging, in zoover wel, dat i. de Compagnie omgekeerd soms van hun bemiddeling gebruik maakte, 2. zij als haar grootste concurrenten voortdurend hun invloed op den Hollandschen handel lieten gevoelen.

Onder het eerste punt dient opgemerkt, dat de Chineezen als de grootste tusschenhandelaars in Oost-Azië in het begin van de 18e eeuw ook het verkeer tusschen China en Batavia onderhielden 2), terwijl zelfs een enkele jonk vanwege de „Hooge Regeering" toen passen kreeg direct naar Japan.

Zij brachten in laatstgenoemde stad van ± 1700 af ook ladingen Japansch staafkoper aan. De Compagnie nam die over, uit vrees, dat anders particulieren ervan gebruik zouden maken tot een inbreuk op haar monopolie, hoewel zij toen nog in Japan zelf ruim voorzien werd. Naar gewoonte gunde zij het dus aan niemand anders; maar wilde toch niet veel besteden boven den prijs, waarvoor zij het kreeg in het land van herkomst. Dat sedert 1711 de Chineesche handelaars niet meer dan 20 rijksdaalders hcht geld (f 48) voor een pikol te Batavia betaald kregen, was een der oorzaken voor het conflict met hen onder Van Swoll. Zij bleven toen weg en namen wraak in Japan, gelijk wij zagen a).

a) Hiervóór hoofdstuk III B § 8.

») Zie Grimmius in Indisch Archief, deel I, blz. 414, en KaMf in Elzeviers Maandschrift 1920.

») De Hullu in de Bijdragen tot de taal-, land» en volkenkunde van Ned. Indiê, no. 73.