is toegevoegd aan je favorieten.

Japan en de buitenwereld in de achttiende eeuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

China en andere Oosterschelandenalssteunpuntenvoorhunleera).

In zijn kritiek op den „Esprit des lois" betoogt Voltaire, dat Montesquieu nog al eens verhalen van twijfelachtige herkomst aanhaalt teneinde de ongehoordheid der Japansche straffen te bewijzen, en zich dus niet hield aan soliede bronnen, gelijk Kaempfer, dien Voltaire zelf in zijn „Essai sur les moeurs et esprits des nations". „véridique et savant" en op een andere plaats nog „judicieux" noemt. Kaempfer nu had gezegd, dat in Japan altijd gewetensvrijheid heerschte; tevens had 't Confucianisme er invloed, en leidde de geesten af van het gezag der priesters. Overigens vond Voltaire, dat „lois, culte et moeurs ne tiennent rien de la Chine". Zijn theorie was, naar het schijnt, ongeveer, dat die Aziatische landen de zeer oude en oorspronkehjke beschaving nog bezitten, terwijl die van Europa door slechte invloeden bedorven was.

Alle volken zouden n.1. bijna gelijksoortige „esprit" en „raison" hebben. Met rassenverschillen laat hij zich niet in en hij vergelijkt aldus de Japanners met de Engelschen. De christenvervolging beschouwt Voltaire dan ook als ingegeven door „raison d'état"; wat echter de houding der Hollanders daartegenover aangaat (Koekebacker tegenover den Arima-opstand, het beeldtrappen), daaromtrent herhaalt de verlichte auteur vele beschuldigingen der Jezuieten en van Psalmanazar en Swift zonder zich bhjkbaar overtuigd te hebben, of b.v. Kaempfer dat wel bevestigde. Ook het mislukken der poging van Colbert wordt eveneens den Hollanders verweten1).

Schrijvers als Montesquieu en Voltaire hebben ongetwijfeld in vloed geoefend en kunnen bovendien als een barometer der pu blieke meening gelden. Uit hun geschriften bhjkt, dat de literatuur der missionarissen een zeer sterken indruk heeft gemaakt, en dat ook de verhalen, door fantasie ingegeven, hun werking hebben gedaan.

Deze invloeden hebben veroorzaakt, dat men China en Japan ten v deele als saamhoorige, ja als identieke begrippen ging beschouwen, zoodat een vhegend blaadje spreekt van: „un tremble-

a) Hoofdstuk I § 6

») Voltaire, Commentaire sur 1'Esprit des lois, ch. XLVI; Essay sur les moeurs et esprits des nations, c. CXLII, CXCVI, Oeuvres, edition Renouard, XXVI, blz. 386 en XV, blz. 26; XVI, blz. 323. Hoe sterk de legende van het beeldtrappen der Hollanders' is, blijkt uit een lezing voor de Sodété Franco-Japonnaise in 1906, waar ze zonder tegenspraak herhaald werd.