is toegevoegd aan je favorieten.

Een eeuw veeartsenijkundig onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK X.

DE PUBLICATIES VAN HET WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL DER RIJKS'VEEARTSENIJSCHOOL EN DER VEEARTSENIJKUNDIGE HOOGESCHOOL ')

VERZAMELD DOOR W. H. KEESOM.

De hoogleeraar Dr. J. VOSMAER. (1821 -1824).

Apothekers woordenboek, of uitvoerig zamenstel der apothekerskunst en daartoe voorbereidende weten» schappen, in eene alphabetische volgorde. Eerste Deel. Zutphen 1822.

De hoogleeraar»directeur, later hoogleeraar Dr. TH. G. VAN LIDTH DE JEUDE. (1821—1851).

Recueil de Figures des vers intestinaux. Leiden 1829.

Verklaring der Ontleedkundige afbeeldingen, ten ge» bruike voor de Veeartsen en kweekelingen van 's Rijks* Veeartsenijschool, lste aflevering, Beschrijving der been» deren van den kop des paards. Utrecht 1836.

De hoogleeraar, daarna hoogleeraar»directeur Dr. A. NUMAN. (1822—1851).

Proeven omtrent de werking van de Smetstoffe der koepokken op onderscheidene huisdieren met aan» merkingen daartoe betrekkelijk: Eene bijdrage tot de vergelijkende Geneeskunde; in de Vaderlandsche Letter= oefeningen, Dl. 2, 1825.

Proeven en waarnemingen omtrent de inenting der pokken van schapen, door D. H. van der Meer, H. C. Medenbach de Rooy, S. Ellerbeek en G. A. Ramaer, met een vergelijkend overzigt, hiertoe betrek» kelijk en eene Voorrede van Dr. A. Numan, 'ssGravenhage, ter 'sLands Drukkerij, 1825.

Iets over de ziekte van net rundvee, gewoonlijk het Miltvuur genaamd, benevens eenige algemeene aan» wijzingen, om dezelve te behandelen en te voorkomen. 's«Gravenhage, ter Algemeene Landsdrukkerij, 1825.

Handboek der Genees» en Verloskunde van het Vee. 2de druk, Groningen 1826, 3de druk, 1833, 4de druk, 1844.

Veeartsenijkundig Magazijn, 6 Deelen van 1827—1847. Het 4de Deel is mede afzonderlijk uitgegeven, onder den titel van Verhandeling over de heerschende Long» ziekte van het Rundvee. Utrecht 1844.

Redevoering over de Veeartsenijkunde en de Inrigting

van derzelver onderwijs, overeenkomstig het belang der Maatschappij, uitgesproken bij de aanvaarding zijner lessen (uit het Eerste deel van het Veearts. Mag. bij» zonder afgedrukt). Groningen 1827.

Iets voor landbouwers over het zaaijen van koolzaad en andere veldgewassen op rijen met de afbeeldingen van werktuigen, welke hiertoe in de Provincie Groningen en Vriesland worden gebruikt. Groningen 1827.

Teregtwijzing eener verkeerde opvatting omtrent de proeven, betrekkelijk de werking der Smetstoffe van de koepokken op onderscheidene huisdieren; in den Konst» en Letterbode van 14 Maart 1828, p. 179.

Over de schadelijke eigenschappen, welke de voeder» stoffen kunnen verkrijgen.... door cryptogamische voort» brengselen, welke op dezelve huisvesten, door A. Numan en L. Marchand, het Veearts. Mag., Deel 2. 1829.

Korte handleiding tot de kenteekenen der gezondheid en ziekelijkheid van het rundvee, vooral ten dienste van hen, die belast zijn met het toezicht op den invoer van buitenlandsch vee binnen het Koningrijk der Neder» landen (in April 1830, ontworpen door Dr. A. Numan). 16 blz.

Verhandeling over de Koepokken, zooals dezelve natuurlijk bij het rund voorkomen, en door inenting kunnen worden voortgebragt, met Platen. Utrecht 1831.

De wijze, om koeijen door kinderpokstoffe te be» smetten, en daardoor koepokken voort te brengen, volgens Dr. Sonderland, te Barmen, aan proefnemingen onderworpen; in den Konst» en Letterbode, Dl. 1, p. 388, Dl. 2, p. 2, 1831.

Over de meest geschikte wijze, om de koepokstoffe te verzamelen en te bewaren. Konst» en Letterbode, Dl. 2, p. 19, 1831.

Waarnemingen omtrent het langdurig verblijf boven den gewonen dragttijd van gestorvene jongen bij de moederdieren, met platen; Verh. lste kl. Kon. Ned. Instituut, Deel 3, 1831.

J) Opgenomen zijn alleen die publicaties, welke bewerkt zijn in den tijd, gedurende welken de schrij» vers aan deze inrichtingen in functie waren.