is toegevoegd aan je favorieten.

Den Haag in den patriottentijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kregen, bood daartoe de behulpzame hand en Bentinck van Bhoon, die krachtens resolutie van de Staten van Holland van den 19en Sept. werd gemachtigd, om namens Hun Edelgrootmogenden ,,in hoogstdes,,zeiver naam te spreeken en certifieeren, ,,ja op allerley wijze voor de rust te zor,,gen', ofironr «n plundert!)» m «tuiten en ,,desnoods zelfs met geweld te keeren", gaf aan W. N. Maclaine bevel, met zijn onderhebbende manschappen zoo noodig krachtig op te treden.

Ook in de naaste omgeving van den Haag was de „gezegende omkeering" tot stand gekomen. Te Rijswijk, waar, zooals we zagen, een exercitiekorps was opgericht, dat reeds korten tijd na zijn ontstaan tot 65 leden was aangegroeid, stoof dit corps als een vlocht patrijzen uiteen, zoodira de nood aan den man kwam. In den vroegen morgen van den 18en nog hadden de heeren Lucas Roelofs met gevangenneming bedreigd en deze had het toen nog wenschelijk geoordeeld, het veld te ruimen en naar den Haag te vluchten. Doch ziende, dat daar de verandering van zaken reeds had plaats gehad en reeds ieder met geweren, ringkragen en trommels beladen naar de Opr. Vad. Soc. trok, verzocht -hij een troep Hagenaars, ook in Rijswijk de omwenteling met hem te proclameeren.

De heeren gaven aan zijn verzoek gehoor en deze krachtsontwikkeling bleek voldoende, om ook daar zonder tegenstand op de geweren en verder wapentuig beslag te leggen. De tuinman Ant. v. d. Kan zond het vaandel met de trommen naar de Sociëteit der Oranjemannen, vanwaar dit alles later naar den Haag werd overgebracht.

In den morgen van den 19** trokken een vierhonderdtal Haagsche burgers, verge zeld van de beide veroverde stukjes ge schut de Wagenbrug over en de stad uit, om in Delft de omwenteling te bewerken En passant werden te Rijswijk nog eenige huizen van vooraanstaande patriotten ge plunderd. al wist Lucas Roelofs te voorkomen, dat de Katholieke kerk aanstoot leed.

Tegen 12 uur ongeveer trokken deze Hagenaars de Haagpoort te Delft, die ze geforceerd hadden, binnen, om ook daar vreeselijk huis te houden en de regeeringsmannen van 't kussen te jagen. Doch Bentinck had weldra ook hier maatregelen genomen en toen de troep Hagenaars weder Rijswijk passeerde, hadden vrijwilligers, onder Guicheret daar reeds voor de ' eiligheid zorg gedragen in vereeniging met de leden der Sociëteit aldaar. Toch konden ze niet voorkomen, dat nog menige ruit daar werd stukgeslagen, tot Burg. en Schepenen van den Haag als am¬

bachtsheer en van Rijswijk de schutterij daar oprichtten en de orde voorgoed kon worden gehandhaafd.

Ook het Westland 7l) werd met Haagsche hulp den van de patriottische willekeur verlost, maar Voorburg had blijkbaar geen vreemde inmenging noodig gehad. Nauw was er de tijding van het gebeurde in den Haag doorgedrongen, of de loodgieter W. van Ettinger klauterde op den toren en deed het oranje-blanje-bleu weer vroolijk wapperen, „zoodat het boven den Leeuw uitwaaide", zegt de Voorburgsche politicus Siliakus. Maar de burgers hadden mee^r overtuigende bewijzen, dat de winrd uit een andferen fjTöek- wadicK 'D^n geheelen dag trokken vluchtende benden voetvolk en ruiterij, voornamelijk uit de buurt van Gorinchem, dat ook de onmogelijkheid van verzet tegen de Pruisische troepen had ingezien, het dorp door De Sociëteit werd, na vier weken gesloten te zijn geweest, weer met enthousiasme door de Voorburgers geopend en de patriotten ondergingen hetzelfde lot, dat in de bange dagen van den 19"" en den 20*11 Aug. hun prinsgezinden broederen was bereid. Allen werden ze ontwapend, doch eenigen wisten dezen smaad te ontgaan, door zich bij de vloek tende militairen aan te sluiten en binnen Amsterdam een goed heenkomen te zoeken. Toen dan ook in den nacht van den 18™ op den 19en Sept. eenige gewapende Hagenaars zich te Voorburg vervoegden, om daar een nieuwe maatschappij te scheppen, vonden zij er de zaak reeds in 't reine. En Zelfs maakten de Voorburgers zich verdienstelijk, door den volgen den dag een bezoek te brengen aan de dorpen Veur en Leidschendam, waar door de aanhoudende pogingen van den reeds genoemden Prijn een actief burgercorps was gevormd. En ze mochten hun pogen met den besten uitslag bekroond zien : een menigte kruit en scherpe patronen, geweren, een trommel, het vaandel en zelf s een tweetal kanonnetjes, die aan den komman dant persoonlijk hadden toebehoord, werden in triomf het dorp binnengebracht. Zelfs Voorschoten, Zoetermeer en Nootdorp kregen een beurt in de algemeene

71) Denzelfden dag, dat te den Haag de Oranjevlag van den -toren wapperde, werd ook m Loosduinen (des avonds) het patriottencorps ontwapend. De volgende dagen trokken de dorpelingen met eenige Haagsche dragonders naar Wateringen, Kwintsbeul, Poeldijk, Naaldwijk en Monster, om ook daar de wapens op te halen. En zelfs werd te Loosduinen opgericht een „Wachthebbende Burgercompagnie" van 70 man, waarvan Ph. Schneyder tot kapitein, Adrianus v. d. Gaag tot kapt.-luitenant en Hermanus van Warmenhoven en A. Westmsas tot luitenants werden verkozen, terwijl Pieter Bal als secretaris optrad.