is toegevoegd aan je favorieten.

De archieven van kloosters en andere stichtingen in Delfland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET KLOOSTER VAN ONZE LIEVE VROUW IN NAZARETH TE RIJSWIJK.

INLEIDING.

Voor de geschiedenis van dit klooster is men aangewezen op de weinige charters, die het A. E. A. er van bezit. Het stond op de plaats, waar later de buitenplaats Leeuwendaal kwam, dus in den hoek, gevormd door den weg naar Delft en dien naar Voorburg '). Het stichtingsjaar is niet bekend; de oudste akte, waarin van het klooster sprake is, is van 1471 !).

Blijkens regest no. 31 woonden de zusters aanvankelijk te Vlaardingen, vanwaar zij naar Eijswijk waren verhuisd uit verlangen naar een rustiger omgeving. In 1465 — nog tijdens hun verblijf te Vlaardingen — waren zij van de derde orde van Sint Franciscus overgegaan tot de orde der Augustijnen, een overgang, die wel in één lijn is met de behoefte aan een nog rustiger omgeving dan Vlaardingen bood, en waarop dus waarschijnlijk de verhuizing spoedig gevolgd zal zijn.3) In ieder geval moet de stichting van het klooster te Eijswijk plaats gehad hebben tusschen de jaren 1465 en 1471, tenzij er reeds een klooster bestond en de Vlaardingsche zusters zich slechts bij die te Eijswijk voegden4). De bewoordingen van reg. no. 31 maken dat evenwel niet waarschijnlijk.

Bij haar overgang tot de Augustijner orde stelde bisschop David van Bourgondië het klooster onder de visitatie van de priors resp. pater van de kloosters Sion bij Delft, Bethanië te 's-Gravenzande en Sint Anna te Delft.

In 1500 kreeg het klooster van deken en kapittel in den Haag vergunning tot het bouwen van een eigen kerk en kerkhof. Bij de Hervorming wérden de goederen geannoteerd en schijnt het gebouw gesloopt te zijn.

") Zie Haagsch jaarboekje 1889 bldz. 97.

2) In Bijdr. Bisd. Haarlem XVI, bldz. 174. In XXIII, bi. 132 dierzelfde Bijdr. spreekt S. Bleeker van een huurbrief van „prior en convent van Rijswijk" d.d. 12 Juli 1409, welke op het gemeentearchief te's-Gravenhage zou zijn. Bij onderzoek bleek het stuk daar evenwel niet aanwezig.

3) Tot de verhuizing kan ook hebben meegewerkt het feit, dat in 1467 te Vlaardingen de pest heerschte, tengevolge waarvan vele inwoners de stad verlieten (zie L. van Ollefeïi, De Nederl. Stad en Dorpsbeschrijver II).

*) Een dergelijke uittocht had plaats in 1557 toen de zusters uit het Caeciliaklooster te Vlaardingen zich wegens armoede in het klooster Nazareth te Leiden ieten opnemen (zie Mr. J. O. Ovbkvoordb, Archieven der Kloosters I, 56).