Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Minister daarentegen meende, dat in het benoemingsrecht van den G.G. reeds de zekerheid ligt, dat het ambtelijk element voldoende zal zijn vertegenwoordigd. Bovendien is in de kiescolleges het ambtelijk element ook reeds ruimschoots aanwezig en met het door hem voorgestelde stelsel meende hij de goede elementen uit de ambtenaarswereld te kunnen verkrijgen.

Bij de behandeling van art. 132 heeft de hr. Bogaardt nog getracht het ambtelijk element in den V. R. te krijgen, hij stelde n.1. voor den vicopresident van den R. v. N. I. als zoodanig te benoemen tot voorzitter van den volksraad, terwijl in geval van ontstentenis of verhindering van den voorzitter, het oudste lid in benoeming van den Raad van N. 1. als waarnemend voorzitter optreden zou. Beiden zouden slechts adviseerende stem hebben.

Dit voorstel werd echter door den hr. Bogaardt ingetrokken wijl lu de Minister zijn oorspronkelijk voorstel geheel had gewijzigd en veel ruimer had geredigeerd, en 2° wijl hij zag, dat het voorstel geen kans had aangenomen te worden. —

11. In de le Kamer.

A. Schriftelijke stukken:

Ook in de le Kamer was de' ontvangst van het Wetsontwerp over het algemeen welwillend. Wel werd natuurlijk critiek geleverd en spraken enkelen hunne weinige ingenomenheid uit, maar over het geheel werd zelfs door de tegenstanders erkend dat aan die instelling ook voordeelen verbonden waren.

Voor een goed deel werden dezelfde bezwaren als in de 11e Kamer waren geuit, weder te berde gebracht, o. m.: /. dat aan de instelling van dit instituut een wijziging in het Bestuursstelsel vooraf had dienen te gaan;

2. dat de invloed te gering was, terwijl het een eisch des tijds was den invloed van de inlanders uit te breiden, de centralisatie te beperken, de macht der bureaucratie in te perken en de kiem te leggen voor een ware volksvertegenwoordiging, Sommigen bepleitten nogmaals rechtstreeksche verkiezingen en de verkiesbaarheid van de vrouw;

3. ook werd weer een pleidooi gevoerd voor sectievergaderingen voor Inlanders afzonderlijk;

4. meerdere zeggingschap werd gevraagd, breeder perspectief werd gewenscht;

5. gevreesd werd dat bij de vaststelling van de begrooting de wil van den Minister te veel den doorslag geven zou;

6. gevraagd werd of bij het sluiten van eene geldleening de

Sluiten