Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nummer en

Autoriteit

AARD DER WERKZAAMHEDEN

95. Rapporteurs.

96. Commissie van Rapporteurs.

In de eerste afdeeling worden de beraadslagingen geleid

door den Voorzitter van den Raad; in de 2de afdeeling

cioor den eersten plaatsvervangenden Voorzitter en in de

A,.~Ar. „fj„_i: i , . .

uuuc aiuceiing ooor aen tweeden plaatsvervangenden

Voorzittpr

bij vernindenng of ontstentenis van de bij lid 1 aangewe-

ucclu ue ouusie in jaren aer in de afdeeling aanwezige Euroneesrhp Iprlpn alc \a\aar a„~ u

, „io iliuu uci ucictctusiciguigen op.

nei staat aan ieder hd vrij, mits in de afdeeling tegen-

.k^,ui£ uiu suirijieiijKe en onaerteekende nota s in

te leveren

r» i ' >

Rapporteurs.

(1) Elke afdeeling benoemt voor elk in de afdeelingen te onderzoeken onderwerp een harer leden tot rapporteur.

(1) üe Voorzitter en de plaatsvervangende Voorzitters van den Raad zijn van eene benoeming tot rapporteur uitgesloten. (3) Van de benoeming wordt kennis gegeven aan den Voor-

/-mci van uen rcaaa en aoor dezen aan den Raad. Elke rapporteur houdt korte aanteekeningen van de over¬

wegingen in zijn araeeiingen, teekent op welke leden daarbij tegenwoordig zijn.

De rapporteur ontvangt de nota's der afzonderlijke leden

liiprhnvpn hprlnplrl nn hmnnl A:n , :„ j_ r* .

v... ^^.v.^v.,v. vu uiui8i uic ovci ui ue commissie van

rapporteurs.

.........u.v. TM1I i\Hfjpuui.uia .

(1) De rapporteurs vormen te zamen eene Commissie van rapporteurs.

/o\ 7ii i._ ,L;j..... .

yt., wijieu, onuer ïeiuing van aen voorzitter van den Raad één hunner tot Voorzitter der Commissie aan. fi\ rv» n„. :„„.- ,.

y^>j l/<_ ^oiiiiuiöbie vciu rapporteurs worat zooveel mogelijk bijgestaan door den Secretaris en het verdere personeel van den Raad.

(4) Zii repelt haar hnppiiL-nmctpn in n,raria„ „w j„„ \r

\ r — 1 O «.jvviinumun.il lil UIVlILg uci1 vuu1"

zitter van den Raad.

Naam en artikel der

Verordening.

AANTEEKENINGEN.

Art. 38 R.v.O

lid 1

idem lid 2

Art. 42R.v.O

lo zinsnede

Art. 39 R.v.O.

lid 1 idem lid 2 idem lid 3

Art. 41 R.v.O.

Art. 42 R. v. O

*° zinsnede

Art. 40R.v 0.

lid 1

'dem lid 2 'dem lid 3 'dem lid 4

In de Tweede Kamer benoemt iedere afdeeling haar eigen voorzitter om de beraadslagingen te leiden.

Voor de besprekingen over deze secties, zie historische toelichting blz. 23 en 47 en vlgg.

Van afzonderlijke secties voor de Inlanders is geen sprake. Aan den wensch van den hr. van Kol is dus geen gevolg gegeven.

De Voorzitters der afdeelingen der II K. vormen tezamen de Centrale Afdeeling, (art. 19 R. v. O.) die de volgorde regelt waarin de aanhangige voorstellen zullen worden overwogen (art. 22 R. v. O.). Deze instelling is waarschijnlijk voor den V. R. niet overgenomen, wijl de werkzaamheden van den V.R. nog te gering zijn en de leiding • voorloopig aan den Voorzitter voldoende is toevertrouwd.

De beteckenis van deze C. v. Rapp. is niet erg groot. Zij hebben weinig anders te doen, clan een verslag op te maken.

De C. v. R. der He K. heeft belangrijke rechten, welke aan haar zijn onthouden; bv. het recht om punten, die wel in een of 2 doch niet in alle afdeelingen zijn behandeld, in die afdeelingen alsnog aan de orde te stellen (art. 30 R.v.O.); het recht om zelfstandig wijzigingen voor te stellen, een recht dat bij de vaststel ling der begrooting, waar de V. R. voorloopige wetgevende bevoegdheid heeft, toch wel van belang is (art. 41 R. v. O.). Vooral ook de bepaling van art. 74 R. v. O., dat wijzigingen, voorgedragen namens de C. v. R., mits het gevoelen der meerderheid in haar midden uitdrukkende, van rechtswege een onderwerp van beraadslaging uitmaken.

Vgl. verder no. 108.

Sluiten