Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben mogen kussen van „den held, die zijn koninkrijk alleen aan zijn dapperheid verplicht was". Inderdaad werd hij door den Koning ontvangen, richtte tot hem naar de gewoonte van den tijd eene „sierlijke" aanspraak, en was daardoor in de gelegenheid den vorst de juistheid van zijn oordeel en de schranderheid van zijn verstand te doen kennen. Het verhaal wil, dat Hendrik IV ten aanhoore van verscheidene zijner hovelingen, hem met den vinger aanwijzende, zou hebben gezegd: Voila le miracle de Hollande, aan welke mare, zij moge al dan niet juist zijn, vooral in dichtmaat veelal uiting is gegeven. Voor Grotius was deze ambassade vooral daarom van belang, wijl zij hem gelegenheid schonk zijn eerste betrekkingen in Frankrijk te verkrijgen, welke hij later zoo noode zou behoeven. Veel zag men hem in het gezelschap van den jongen prins Hendrik van Bourbon, toen eerst tien jaren oud, doch naar de verhalen willen een evenzeer geleerde en vooral leergierige knaap; Grotius werd tot diens „geheimschrijver" benoemd en hoewel hij een aanbod om in Frankrijk te blijven moest afslaan als gedaan buiten voorkennis zijner ouders, heeft hij den titel behouden. Is het verhaal waar, dan wilde de Koning hem ridder maken, maar weigerde hij dit „teneinde niet hooger te zijn dan de leden van zijn eigen geslacht". Wel gebruikte hij den in Frankrijk doorgebrachten tijd om er aan de universiteit te Orleans tot dokter in de rechten te promoveeren en een getuigschrift voor loffelijke gaven en bekwaamheid te verwerven. Jeannin werd in deze dagen zijn vriend en is hem jaren achtereen in elk opzicht een vriend geweest.

Teruggekeerd in het vaderland, liet hij er zich op de rol der advocaten opteekenen, legde de eeden af voor het Hof van Holland en voor den Hoogen Raad, en begon er zijn practijk. Zonderling, en teekenend voor de zeden des' tijds, treft het dat, terwijl hij aldus een zelfstandigen werkkring aanvaardde, waarbij anderen hunne belangen aan hem hadden toe te vertrouwen, hij door zijn vader ten huize van den toenmaligen hofprediker Uytenbogaart werd „besteld" gelijk de uitdrukking dier dagen luidde, opdat zijn jeugdig verstand 385

Sluiten