Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

reid, men droogt de trossen gedurende 7 of 8 dagen op matten of op een schoon geveegd gedeelte van het terrein bij de woningen. Vervolgens worden de trossen van de bessen ontdaan, hetgeen meestal geschiedt door er overheen te loopen.

Door zeven zouden daarna verschillende ongerechtigheden als zand, steenen, vruchtstelen enz. verwijderd kunnen worden, maar meestal wordt dit achterwege gelaten in de hoop dat deze gewichts- of volumevermeerdering bij den verkoop door de opkoopers niet bemerkt zal worden. Bij de verzending voor de europeesche markt móet dan ook op een gewichtsverlies van minstens 10 en hoogstens 17% gerekend worden.

Witte peper wordt door de bevolking weinig bereid, zij ziet daarin geen voordeel, tenzij de peper buitengewoon superieur is. In dat geval worden de bessen eenige dagen gebroeid, waarna door wassching met de hand het vruchtvleesch wordt verwijderd. De korrels bebben dan na droging de bekende kleur van witte peper. Gemiddeld verkrijgt men van de zwarte peper slechts 30 — 35% witte.

VI. Werkovereenkomsten bij de cultuur in gebruik.

Zoodra de peutoeha djaga 0) geschikte gronden gevonden heeft en door den ondernemer aan de verplichte formaliteiten is voldaan, (zie onder „aanleg der tuinen") gaat eerstgnoemde over tot het aanwerven van planters. Is hij hierin geslaagd dan wordt vóór den aanvang der werkzaamheden gewoonlijk een feest (chandoeri) gegeven. De ondernemer, peutoeha pangkaj, verstrekt vervolgens door bemiddeling van den peutoeha djaga een voorschot aan de planters, dat gewoonlijk bestaat uit een hoeveelheid padi (2 goentja (2) ),enkele kleedingstukken, gereedschappen en eenige dollars. In normale gevallen bedraagt het totaal dezer voorschotten 20 tot 25 dollar per 1000 peperranken, door omstandigheden buiten schuld van den planter worden die voorschotten echter dikwijls belangrijk grooter, bedragen van 100 dollar zijn zelfs geen zeldzaamheid.

Gebruikelijk is het de voorschotten niet in eens te geven, maar al naar mate de werkzaamheden vorderen.

In bijna alle streken wordt het genoten voorschot als een preferente schuld beschouwd, ook al wordt die door den werkgever somtijds kwijtgescholden.

De terugbetaling dier voorschotten is niet overal op de zelfde wijze geregeld, in de onderafdeeling Idi bestaat de gewoonte het genoten voorschot in het 5de jaar in zijn geheel terug te betalen, elders wordt het voorschot, te beginnen met het 4de jaar, in gedeelten terugbetaald.

Soms wordt een gedeelte van het genoten voorschot geschonken, ter-

(1) Zie blz. 75.

(2) 1 goentja = Vio kojang.

Pepeecultütjb. 6

Sluiten