Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geboden wordt tegelijk met de liefde tot God, bergt in zich eén rijkdom van gedachten, schoonheid en ontroering, vat in één punt het werelddenken, het in den mensch uitgedreven denken Gods, kristalliseert de schoonheid van alle tijden, de schoonheid van het wezen Gods, wekt de opperste ontroering van het bewuste leven ,de al-doorstroomende ontroering van het leven Gods. Het formuleert de christelijke levensbeschouwing van het gaan uit God en het keeren tot God, het leven met en door en om God. Het schept de christelijke wereldbeschouwing, dat uit de liefde het leven der wereld bloeit en dat de wereld slechts haar zelf-doel vinden kan, als ze God vindt. Het legt een basis voor een maatschappelijke levensleer, door de liefde in haar hoogste beteekenis van zijnrin-God als grondslag te stellen voor de menschelijke verhoudingen. Het houdt een antwoord in op het gebed van den geloovige: Uw wil, o God, geschiede op aarde gelijk als in den hemel.

Maar in dat ééne woord van Jezus, waarvanjjijzelf de verzinnelijking is, ligt tegelijk ook het Antithetische) woord van Lukas 11 :23: „Wie met mij niet is, die is tegen mij en wie met mij niet vergadert, die verstrooit" Wie niet met den Christus is, wie niet in den Christus, in den vergoddelijkten mensch het heil der menschheid ziet, wie niet door den Christus de menschheid wil voeren tot den Vader, wie niet in den Christus al zijn bedoelen en willen op God concentreert, hij is tegen Christus, dat is tegen God, dat is tegen het waarachtige heil der menschheid. Hij moge vergaderen, in waarheid verstrooit hij. Want bij groept niet het al om het ééne middelpunt.

Daar is voor den christen ten slotte maar één punt, waarop alles aankomt, zoodra hij naar den innerlijken drang zijns harten de handen wil uitstrekken ter verlossing, hetzij dan de verlossing van den enkeling, hetzij de verlossing der maatschappij. Door alles heen hoort hij de roepende stem

Sluiten