Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eener nieuwe cultuur voldraagt. En tot die arbeidersklasse behooren ook Kuypers kleine luyden. Zij hebben niet een macht te vormen, om mede te werken aan de in standhouding eener maatschappij, die ook hün uitbuiting tot levensvoorwaarde heeft, maar zij hebben mèt hun klasse-genooten schouder aan schouder te staan, waar het er om gaat, ter wille eener gansche menschheid, op de machten van het behoud een maatschappij-orde te veroveren, die op gerechtigheid gegrond zal zijn.

„In begeesterende taal, — aldus Staalman — in verheven woorden vol bezieling had de Leider der Anti-rev. aan God geklaagd den nood dier kleine luyden en zijn hart als het ware uitstortend in het gebed tot den Almachtige, had hij betuigd, dat hun leed en lijden op het hoogst gestegen, niet langer kón gedragen." ')

En toch, hoewel Kuyper wist, dat de betering der maatschappelijke toestanden slechts lag in den socialistischen weg, hoewel hij niet schroomde, dit onomwonden uit te spreken,2) hoewel hij de christelijke arbeiders met zijn bezielend woord ook daadwerkelijk had heengedreven in de richting der democratie, die ten slotte niet anders had kunnen loopen dan in de richting van het socialisme, toch liet diezelfde Dr. Kuyper de christelijke arbeiders en mèt hen de christelijke democratie over aan hun lot, juist toen de tijd rijp zou worden, dat het christen-socialisme, de eenig juiste uitdrukking der christelijke democratie ging leven, juist toen door krachtige leiding het sociale vraagstuk ook door den christen-socioloog mee tot oplossing had kunnen komen.

Waar Dr. Kuyper de wegbereider voor het christen-socialisme is geworden, is het zijn eeuwige schande, dat hij zijn

') ta.p. blz. 14.

2) Het sociale vraagstuk en de christelijke religie, blz. 26.

Sluiten