Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en men is er op ongeveer dezelfde wijze te werk gegaan. Ook daar werden notabelen opgeroepen om over het ontwerp te stemmen, doch de uitslag van die stemming was, dat van de 1323 opgekomenen er zich 527 vóór en 796 tegen verklaarden. Deze verwerping was vooral het gevolg van de actie, door de R. K. geestelijkheid in het zuiden gevoerd, die zich hevig verzette tegen het aannemen der grondwet.

Hoewel de grondwet in het Zuiden verworpen was, proclameerde Willem I den 24 Augustus, dat ze was aangenomen en wel op de volgende gronden: 1° konden de thuisblijvers tot voorstemmers worden gerekend; 2° hadden velen tegengestemd, wegens de bepalingen betreffende den godsdienst; dit waren eigenlijk ook voorstemmers omdat het bestaan van bedoelde bepalingen geëischt werd door het Protocol van Londen, en 3° had het geheele land als één gerekend zich er vóór verklaard.

De voornaamste wijzigingen zijn:

Instelling van een door den Koning benoemde Eerste Kamer (van 40—60 leden).

De Vergaderingen der Tweede Kamer (110 leden) worden openbaar.

De Grondwet bepaalt thans zelf, dat de Prov. Staten worden verkozen door 1° de Ridderschap, 2° de steden en 3° den landelijken stand.

Willem I krijgt den titel van Koning.

De Staatsbegrooting wordt wat de gewone uitgaven betreft voor 10 jaar en wat de buitengewone betreft voor één jaar vastgesteld.

De Koning behoeft niet meer te zijn van den Hervormden Godsdienst.

Verschillende grondrechten worden opgenomen.

Sluiten