Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE HOOFDSTUK.

Van den Koning.

Het tweede hoofdstuk handelt over den Koning en de zesde afdeeling van dat hoofdstuk, waarin de machts• positie van den Koning in onzen Staat is omschreven, is uit den aard der zaak de belangrijkste. De overige afdeelingen handelen over de troonopvolging, het inkomen, voogdij, regentschap en over den Raad van State.

Alvorens een verklaring te geven van het stelsel van troonopvolging, zal het niet overbodig zijn een kleine inleiding daaraan vooraf te laten gaan.

Zooals uit de eerste afdeeling blijkt is de Kroon in de eerste plaats toegekend aan het Huis Oranje-Nassau, dat die Kroon erfelijk bezit. De Kroon gaat dus op de afstammelingen van den stamvader, volgens een bepaald stelsel, over. Dit treffen wij in de meeste landen, waar althans een Koning is, aan, doch niet altijd is dat zoo geweest. Oorspronkelijk werden de Vorsten gekozen, en later werd de Kroon beschouwd als een privaatrechtelijk eigendom. Die privaatrechtelijke verhouding tusschen Koning en Staat had tot gevolg, dat bij overlijden het Rijk evenals een gewone erfenis door de erfgenamen, onder elkaar verdeeld werd. Van lieverlede heeft zich een publiekrechtelijk erfrecht gevestigd.

Sluiten