Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op het Oogenblik bestaan er 9 departementen, n.1. die van: Binnenlandschë Zaken, Buitenlandsche Zaken, Landbouw, Nijverheid en Handel, Waterstaat, Financiën, Justitie, Koloniën, Oorlog en Marine. Het Staatsblad 363 van 1912 bevat een Koninklijk Besluit van 3 December 1912 tot opheffing van de Departementen van Marine en van Oorlog en tot instelling van een Departement van Algemeen Bestuur, dat den naam zal dragen van Departement van Defensie. Dit Kon. besluit treedt in werking op een nader door den Koning te bepalen tijdstip.

Onze grondwet stelt niet den Ministerraad in; art. 38 spreekt er wel zijdelings van. Deze raad, ingesteld in 1823, destijds om meer eenheid in de algemeene administratie te brengen, dient thans, volgens art. 1 van zijn Reglement van Orde (van 27 Sept. 1905) om eenheid in de toepassing der Regeeringsbeginselen te verzekeren. Hij draagt het karakter van een huishoudelijke instelling en niet dat van een zelfstandig staatslichaam. Hij beraadslaagt en besluit in het algemeen over al wat een gemeenschappelijk overleg tusschen de ministers vordert. Onder de ministers moet er eenheid van gedachten op de hoofdpunten, of homogeniteit bestaan. Men onderscheidt dan ook hunne individueele en hunne collectieve verantwoordelijkheid. Een belangrijke bepaling in dit verband is art. 9 van genoemd reglement: Indien een lid een besluit in strijd acht met zijne verantwoordelijkheid, geeft hij daarvan kennis aan den Raad. In geen geval zal een lid mogen handelen tegen een besluit van den Raad, waarbij, naar het oordeel van den Raad, de eenheid in de toepassing der regeeringsbeginselen betrokken is.

Evenmin kent ons Staatsrecht een Minister-President,

i

Sluiten