Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wij willen, dat ons kind het beter zal hebben dan wij het hadden, dat het niet zal vervallen in de fouten, waarin wij vervielen en waaraan wij slechts ontkwamen door schade en schande; ontnemen willen wij aan het kind de gelegenheden tot vallen; wij willen het behoeden voor ellende, ons bij ervaring bekend — wij willen trachten, dat deze maal de wereld eens een model-mensch zal aanschouwen.

En nu moet onze jongen, ons dochtertje van alles het beste hebben, dat wij in staat zijn te geven. De beste voeding, de fraaiste kleeding, het beste onderwijs, de beste lessen. Wij roepen ons kind toe, wij doen dat duizend malen: „wees voorzichtig!" Wij zien andere kinderen, welker karakter en gaven ons buitengewoon voorkomen, en wij trachten vriendschap te wekken tusschen deze en onze eigen kinderen. Wij spreken over deugd, wij spreken over godsdienst. En gelijk wij overvloed geven van het beste, zoo zijn wij ook overvloedig in ons afkeuren van het kwade. Een kleine overtreding behandelen we, of er leven en dood mede gemoeid zijn. Een leugentje — straks daarover meer — rooft ons onze nachtrust en behandelen we als een niet uit te wisschen doodzonde.

Ook het onderwijs zien wij in onze dagen dezen weg opgaan. Alles wordt onderwezen — met zorg en methode onderwezen. Het aantal leervakken neemt toe. Het netwerk van het onderwijs vertoont al fijner

Sluiten