Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de anderen, die reeds in hun jeugd de gelegenheid hadden — of namen — om zelf te zoeken, zelf te dwalen, maar dan om ook zelf te vinden. En dat is het innigst ons eigendom, wat we zelf gevonden hebben.

Wij eindigen met wat wij zeiden in den aanvang: het betrachten van de juiste maat in de opvoeding is moeielijker dan de overopvoeding. Want tot het betrachten van die juiste maat is noodig: een diep inzicht in de kinderziel en een oordeelkundig optreden als we optreden.

Gering is het aantal grondbeginselen, dat wij in het hart onzer kinderen hebben te prenten.

Gering in omvang is de kennis, die het kind inderdaad onontbeerlijk is.

Maar om aan het kind die kennis te geven, en om in zijn ziel die weinige grondbeginselen te prenten voorgoed, daarvoor zijn noodig — van den onderwijzer de gansche man en van de ouders het gansche leven.

29 Januari 1893.

Sluiten