Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Andere stem:

En keeren toch hun smoel bij 't bidden naar Stamboel 1

K o n i n g A m f o r t a s: (uit den ridderkring tredend).

Genoeg hiervan 1 Leget die waterton!

't Is slechte heiligheid die düs bespotting lokt 1

Het hysop kwelt wel uit een andre bron

Dan gij met valschen tong aldus te voorschijn jokt!

Het volk: (dooreen).

Weg met den bisschop, weg met de Kerk, doodt Abelard! Heen met dien aterling, dien tollenaar!

TOONEEL XI. in* hedplmnnnik Bernardus van laffa wordt opgeleid

door twee knechten. Nauw ziet het volk hem, oÈ het breekt zich baan over de borstwering heen, in uiterste vervoering. De Koning en zijn ridders blijven het volgende toezien op den achtergrond; bisschop Abelard doet he$ gramstorig op het voorplan).

Bernardus:

Wilt, mijne kinderen, niet tegen de Kerk opstaan, Gij zoudt verhinderen, Haar met uw reinste daan Te maken tot het schoonste, en dat is Christi bruid, Onthieldt Hem zoo beloonste van Zijnen droeven strijd!

Een Kruisvaarder: (smeekend). Weest gij dan onze herder!

Anderen:

Ja ja!

Sluiten