Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rederijker pronkt met formules van anderen. De virtuoos kan nog origineel wezen.

Leerzaam is 't vers van de dichter Verwey, geheten Cor Cordium. Daarin zit 'n mooie zielebeweging. Mooi, teer, rein en hoog. Niet sterk, bedoel ik, maar hoog. De aandoening is van 'n hoge sóórt, maar van 'n zwakke graad. Maar toch weet hij 'n vers van dertien bladzijden te maken met zo'n zwakke aandoening als ziel. Dat kan niet goed zijn, zegt ge. Natuurlik niet. Wie maar weinig te zeggen heeft, kan niet veel praten, of ge zult veel wóórden hooren ; techniek.

De techniek in dat vers is heel mooi.

Men zou zeggen: 'n mooie aandoening, mooie taal! Is 't nu nog niet goed ? Neen, er is te veel taal in.

De mooie beelden en vergelijkingen worden kunstig uitgewerkt, zo kunstig en zo uitvoerig, dat de lezer fijntjes uit het eigenlike onderwerp wordt gevoerd, en hij wel met plezier naar de beeldjes als naar losse plaatjes zit te kijken, maar vergeet. . . . waar 't eigenlik over ging.

Dat is onecht. Dat is 'n vertoon van talent, heel bedrieglik en verblindend, maar waar 'n lezer die leest met z'n gemoed, niet mee wordt bedrogen.

Temidden van al dat plezier van prentjes-kijken voel ik iets leegs in me, 'n pijnlike vraag van iemand die even 'n mooi thema op de piano heeft gehoord, en die temidden van allerlei tussenspelen zit te wachten op dat thema, maar nu breder gespeeld ; krachtiger, grootser uitgewerkt; .... en .... het, komt, maar, niet.

* *

De huisschilder gebruikt verf, en de kunstschilder ook; de steenhouwer en de beeldhouwer verwerken dezelfde materie ; en de dichter of proza-artiest (want dat is 't zelfde) gebruikt dezelfde taal die ook de geleerde of de koopman nodig heeft.

Dezelfde ? Ja en neen 1 'n Koe blijft 'n koe heeten, in 'n vers en in de slagerswinkel, dat spreekt. Maar toch heeft de kunsttaal iets aparts. Ik bedoel nu niet die beruchte dichterlike woorden en uitdrukkingen en zinswendingen,

Sluiten