Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dat lijkt n vrolik deuntje met sombere woorden, 't Rythme is vals. 't Klankgeheel is vals. 't Klaagt niet. Die schalk doet maar of-ie huilt. Maar z'n zieltje heeft 't goed en wel m dit leventje.

Dat vind ik zo heerlik, dat de onechtheid zo door alles verraden wordt. Soms herken ik ze aan de onjuiste keuze van een woord. Luister eens naar 't bekende Ellen-liedje :

Het leven wordt toch waar ik toef Naar mijn behoef wel veel te droef Dan dat ik 't meer begeere.

»Naar mijn behoef?" Wat is dat voor gekheid? Behoef? U hebt behoefte aan verdriet ? Verbeel-je, 'n moeder zit aan 't sterfbed van haar kind en ze zegt: „Nu heb ik naar mijn behoefte veel te veel verdriet."

Als je aan tafel zit, voor 'n grote schotel van je smulkostje, dan kun je zeggen : „D'r is, naar mijn behoef, veel te veel."

, Zo'" enkel woordje is als 'n elektries verklikkertje, t Belletje klinkt met hoge scherpe toon en roept: Vals ! Vals 1

* * *

Evenals het kunstmatig broeden der stemming, is ook t opzettelik overdrijven der emotie 'n literaire ziekte. Hierbij is de valse navolging van grote dichters die immers hartstochtelik voelen, weer de oorzaak.

Gezwollenheid of hoogdravendheid is de naam der kwaal.

Bij 't eerste woord denk ik aan de kikvors die zich opblies om zo groot te worden als de os.

Het tweede woord werd door Vondel nog in gunstige betekenis gebruikt. Hij bedoelde ermee : fierheid, nobele verheffing van stijl.

Er is 'n manier van draven, waarbij de ruiter zich telkens opheft in de stijgbeugels. Indien 'n forse, rijzige man dit doet, dan staat dat mooi; 't maakt indruk, vooral als 't paard ook zelf trots loopt, 't hoofd omhoog, de voorpoten krachtig opslaande.

Maar in de straten van 'n stad ziet men wel eens 'n heel

Sluiten