Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

leunende, niets anders dan : „Ik zint onklaar !"Moeilike diagnose ! Neen, dan had hij 't makkeliker met de vrouw van de Kerkmeester, die hem alle jaar kippen en eieren gaf, en aan wier open been hij zoveel verdiende, dat hij daarvan wel jaarliks een paar kinderen kon kleden.

Onder de moeilikste patiënten behoren natuurlik de kinderen, en zij van wier kwaal hij niets kan vinden in zijn boeken, zoals de nieuwe Dominee, die een hypochonder is. „Een ziek kind", zegt hij met zonderlinge beeldspraak, „weegt mij altijd zwaar op de maag." „Ja," zegt dan Toontje, zijn huisvrouw, „dat wil ik wel gelooven ; want de arme schapen kunnen niet zeggen, waar 't hun schort." Bij wijze van uitzondering geeft de Meester hierin zijn vrouw geen gelijk. Neen, dat vindt hij nog het beste in de kinderpraktijk, dat zij niet spreken kunnen ; hij heeft al te veel last van de verhalen der zieken en van de gewichtige Observaties die zij omtrent hun toestand hebben gemaakt.

Onder de werken der oude en nieuwe schrijvers, die hij kan verstaan, behoort: De kunst om vroolijk en vergenoegd te leven, naar de grondbeginselen van Fredericus Hoffman en Hermanus Boerhaave, door Dr. Heyman. Het getal dier boeken is niet groot, maar toch staat Maarten niet geheel buiten de wetenschap ; zelfs, o hemel ! kent hij wat Latijn, en als een geleerder kollega een spreuk aanhaalt van Hippocrates, dan gaat hij thuis zitten snuffelen in het woordenboek van Pitiscus om ze te vertalen, en na lang zoeken slaagt hij daar ook in.

Aan de hypochonder gaf Maarten pillen van roggebrood, niet omdat hij besmet was met de kwakzalverziekte, die hij zelf het algemene euvel van zijn gild noemde, maar uit wanhoop, omdat hij met die patiënt zijn apotheek reeds meer dan eens was rondgewandeld. Zijn geweten kwelde hem erg hierdoor, maar tegen een ingebeelde ziekte, dus pleitte hij in zich zelf, is niets beter dan ingebeelde medicijnen. Dominee klaagde toen zeer over spanningen op de borst, welke hem zelfs de nachtrust benamen, en die hij toeschreef aan de sterke middelen, welke de Meester hem gaf. Hij had ze daarom opzettelik eens een gehele dag laten staan en toen veel minder hinder van zijn kramp gehad. Als Maarten dit hoort, gaat hij in zijn

Sluiten