Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

echt en onecht, vermogen om te waarderen en genieten.

Men kan geen van deze dingen scheiden van de andere, ze vormen éen wezenlik geheel, zoals 'n boom met z'n wortels en blaren en bloemen en vruchten.

Maar de geschiedenis is draagster van alles ; het is de stam. Voor de grote massa altans. Want er zijn natuurlik wel gelukkige mensen die ook zonder schoolvorming een fijn vermogen hebben van waardering. Maar zelfs deze zullen veel winnen in vastheid van oordeel en zuiverheid van inzicht door historiese ontwikkeling. Ook hun vermeerdering van kennis zal worden vermeerdering van genot. Maar 't spreekt vanzelf dat geen vorming 't kan winnen van aanleg.

Wat 'n rijkdom van geestelike bezitting heeft de mens verworven die enige jaren heeft gereisd over de golvende weg der literatuurhistorie. Wat 'n hoogten heeft hij bestegen met ruim uitzicht over bonte dalen, waaruit nijvere zeisenklank en mystiek klokkengelui opstegen. Hij heeft onweerswolken gezien onder z'n voeten, waar bliksemstralen hartstochtelik uit spatten. Hij heeft de blauwe nevelen zien hangen over de velden, zodat de wereld haar stoffelike werkelikheid verloor en hij niet meer wist of de wereld een droom, of dat zijn droom de wereld was ■ het sprookje werd realiteit en de realiteit een sprookje.' Hij is op donkere avond getrokken langs kleine huisjes met lichte ramen, waar 't Gezin bijeen zat, gelukkig in 't zijn bi; elkaar, gevuld in dit lege leven door de zorgen die de lijd kort maken ; gisteren zag hij de koeien in 't veld zich tegen mekaar dringen van bangheid voor 't naderend onweer, en zo ziet hij de mensen samenschuilen in kleine hoopjes die Gezin heten, om 't bange der eenzaamheid te ontkomen en zich 't hart te vullen met zorgen voor elkaar, omdat leegheid van harte onduldbaar is. Op 't verlaten dorpsplein kwam orgelgedreun met mannengezang uit de kerk, en hij stond stil en luisterde, en tuurde naar boven naar de torenspits ; hij had al zoveel torens naar boven zien steken ; heel de aarde was vol torenspitsen, nietige dingetjes uit de verte, maar voor de mensen dichtbij : reuzen die hun ogen boven de wolken heffen om daar

Sluiten