Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verkocht dat de koopsom niet ten laste van onzen staat of van de belastingschuldigen komt 1

Er zit Schimmel op den Penning zegt elders de Hollandsche burger tot dezen Schimmelpenninck, een woordspeling, die wij den caricaturist zouden vergeven als zijn prent beter was.

Nu volgen een betrekkelijk groot getal vrij zoutelooze aardigheden over het tweede huwelijk van den koning, die als Willem Kaaskooper wordt aangeduid, dan een niet kwade prent op studenten-oproertjes te Delft, en eindelijk op het ontslag van het ministerie van Hall. De leeuw brult en rukt aan zijn ketting, en de ministers roepen elk een zinnetje, waarin op geenszins ongezochte wijze hun naam voorkomt.

Dat was in 1848, het revolutiejaar, ook hier gekenmerkt door de opkomst van het liberalisme en de instelling van het constitutioneel koningschap. Overigens heeft de spotprentkunst hier weinig over deze groote gebeurtenissen te zeggen.

Meer heeft ze zich ingelaten met de April-beweging der protestanten tegen het herstel der katholieke hiërarchie. De prenten op deze aangelegenheid zijn echter meer heftig dan mooi.

Het schijnt wel alsof er een tijdlang een ietwat liefhebberige neiging was geweest om lithografische prenten te teekenen en of deze, meer dan belangstelling in de politiek, de oorzaak was geweest tot het ontstaan van een aantal prenten in de jaren 1830—1845. Er volgt nu althans een onbegrijpelijke leegte, tot, na de afschaffing van het dagbladzegel in 1869, de pers, en daarmee de periodiek verschijnende politieke prent, een macht wordt die, zich doet gelden.

Wel ontmoeten we nog in 1857 een prent, vreemd van ordonnantie, waarop men een predikant op een eenigszins

Sluiten