Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mevrouw Helma in ,De Hoogste Wet'; een, ofschoon polizeilich in den Haag verboden, tóch weinig bekend stuk van den schrijver van dit boekje ; er zijn van die stukken, waarbij zelfs déze reclame vruchteloos blijft! Het zou mij aangenamer zijn, als ik een ander even, of desnoods iets minder sterk voorbeeld van een „zachtaardige" rol van onze groote actrice kon aanvoeren ; ik zou daar de kans door ontgaan, dat men mij verdacht, nog even-in-de-gauwigheid de aandacht op mijn eigen werk te willen vestigen ; wat voorzeker, als men bezig is den lof van anderer werk te verkondigen, niet erg sympathiek zou zijn. Maar, zij het dat mijn dankbaarheid in dezen meespreekt, ik weet géén rol, waarin zij zoo innige, warme accenten van zachte moederlijkheid heeft gegeven, zooveel niet-opstandig leed, als hier, waar een eenzame moeder lijdt om twee zoons, en om hun bittere oneenigheid. Bij de rollen van „komische Alte" van mevrouw de Boer

o.a. die van mevrouw Dufour in ,Les Faux Bonshommes'

van Barrière en Capendu1) — zal ik niet stilstaan. Ik doe het liever niet, omdat een actrice, van wie ik ontroerende herinneringen heb, daardoor den rechten komischen indruk bij mij moeilijk teweegbrengt; en ik mag het laten, omdat inderdaad op het gebied van het komische niet de kracht van deze kunstenares ligt. Liet ons — helaas te versnipperd — tooneelleven een meerdere specializeering toe, mevrouw de Boer zou zich stellig nooit aan komische rollen wagen.

In dat opzicht stond wel lijnrecht tegen overhaar een acteur

1) Jarenlang gespeeld onder den titel .Huichelaars en Weerhanen'; in 't seizoen 1920—'21 onder dien |van ,Als het getij verloopt, ...' ten tooneele gebracht. De titel werd veranderd omdat men het fel-afkeurende van „huichelaars" en het licht spottende van „weerhanen" een onwenscheIrjke combinatie achtte.

Sluiten