Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X

Met neergeslagen oogen stond het meisje voor de tweede vrouw van haar vader.

Ze hoorde hem zacht «utleggen.

«~ „Lies had heimwee naar mij; ik dacht wel, datje het goed zoudt vinden, ik 'r meebracht."

— „Maar natuurhjk; zeker vind ik dat," beaamde 'n lieve, warme stem. „Wat lijkt ze op jou, net zoo blond, zoo blank. Wil je me geen hand geven. Lize?"

Het meisje verroerde zich niet Even keek ze schichtig op; had 'n indruk van de „tweede", die 'r bang-jaloersch maakte, een heel lange vrouw, met rustige, voorname houding, en een zacht-ernstigen oogopslag.

Verschoore schoof haar zijn dochter toe.

— „Het is haar zoo vreemd," verontschuldigde hij, zijn vrouw veelbeteekend aanstarend.

— „Ik kan er inkomen," zei ze zachtkens.

— „Als zij nog maar leelijk was geweest" dacht Lies. „Dan was 't niet zoo erg, als ze maar heel leelijk "

Nu was er een groote, hatelijke onwil in haar, dien ze zoo maar niet verduwen kon. Zij, die tweede met 'r

Sluiten