Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ons een goede dosis list. In den tijd van mijn kwajongensstreken hield ik mij veel in de kerken op, waarlijk niet uit motieven van godsdienstigheid. En ik zou reeds dikwijls op een ezel zijn rondgevoerd, als ik had gezongen (6) op de pijnbank. Nooit heb ik gebiecht als aan de heilige moederkerk, en zoo, met die bijverdienste en met wat mijn beroep mij opbracht, heb ik je moeder, op de meest rechtschapen (6a) manier, zooveel ik kon onderhouden."-^„Hoe, ge zoudt mij hebben onderhouden?" voer mijn moeder in groote woede uit, want het ontstemde haar ook dat ik mij niet op de tooverkunst wilde toeleggen — „ik was het dieyW de kost gaf en die je met alle mogelijke kunstgrepen uit de gevangenis hield en zoo noodig je daarin voedsel bezorgde met mijn geld. Als je niet door de mand viel, was het dan door je wilskracht of door de dranken die ik je deed innemen? Aan mijn geheime middelen heb je dat te danken, en als ik niet vreesde dat mén mij op straat zou hoeren, zou ik je zeggen hoe ik door de schoorsteen kwam en jóu door het dak uit het gevang haalde." Zeker zou ze meer gezegd hebben, zóó had ze zich opgewonden — als niet door de heftige gebaren, die ze maakte om haar woorden kracht bij te zetten, van een rozenkrans gemaakt van tanden van afgestorvenen, die ze altijd droeg, de tanden waren losgeraakt. Toen beiden tot kalmte waren gekomen, zeide ik hun dat ik mij vast had voorgenomen met mijne goede voornemens te büjven voortgaan, en dat ze mij daarom op school zouden sturen, omdat men zonder lezen en schrijven niets worden kan. Wat ik zeide, scheen hun wel aan te staan, ofschoon zij nog een poosje over dat naar schoolgaan met elkaar bleven kibbelen. Mijn moe-

Sluiten