Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK III

HOE IK BIJ IEMAND IN DE KOST WAS ALS BEDIENDE VAN DON DIEGO CORONEL

Don Alonso nu besloot zijn zoon te plaatsen in een instituut, waar scholieren en studenten in de kost waren, deels om hem eens het gemakkelijk leven thuis te doen ontwennen, deels om zelf van die zorg bevrijd te zijn. Hij wist dat er in Segovia een candidaat in de godgeleerdheid woonde genaamd Cabra (14), die er zijn werk van maakte zonen van goede families op te voeden, en daarheen zond hij zijn zoon en mij om dezen tot gezelschap en tevens tot bediening te zijn. Den eersten zondag na vastentijd deden wij onze intrede in het rijk van den levenden honger, want moeilijk is voor die misère een passender naam te vinden. Hij geleek op een geestelijke in den vorm van een blaaspijp, hij was ver boven de middelmaat, had een klein hoofd, rood haar; meer behoeft niet gezegd te worden voor hen, die het ^spreekwoord kennen: hond noch kat van die kleur *?Nzijn te vertrouwen. Zijn oogen lagen zóó diep, dat het was, alsof ze uitkwamen bij den achterkant van het hoofd, alsof hij keek door glazen buizen, zooals de druivenkweekers gebruiken; ze waren zóó ingezonken en duister dat ze leken op den donkeren inkijk van een pothuis. De neus was stomp, als ware hij geteisterd door el mal francéó (15) — het bovengedeelte was weggeteerd door een ontsteking ten gevolge van eene verkoudheid en niet — het moet uitdrukkehjk gezegd — het resultaat van een slecht gedrag... de genezing zou maar geld hebben gekost! De baard was ont-

Sluiten