Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waard, weet, dat deze heer ons wenscht te onthalen; maak de provisiekelder maar ledig." Vervolgens kwam de ander naar don Diego en dezen van zijn mantel ontdoend, zeide hij: „Gelieve wat uit te rusten, mijnheer." Dit maakte mij zoo ijdel dat ik mij als de meester van de kroeg voelde. Een van de nimfen zeide, doelend op don Diego, „wat een nette, fijne manieren heeft die heer! en gaat hij studeeren? en is u zijn bediende?" Ik antwoordde — in de gedachte dat zij het oprecht meende — dat ik en de anderen zijn bedienden waren. Zij vroegen mij naar zijn naam en nauwelijks had ik dien gezegd, of een van de studenten ging naar hem toe en zeide half schreiend, hem op innige wijze omhelzend: „Och heer don Diego, wie zou tien jaar geleden gezegd hebben, dat ik u thans hier zou ontmoeten. Och ik ongelukkige, dat ik in zoo'n staat ben, dat u mij niet wilt kennen!" Mijn meester en ik waren beiden verbaasd en wij bezwoeren dat wij hem nooit in ons leven hadden gezien. Zijn makker ging naar don Diego en dezen in het gelaat ziende, zei hij tot zijn vriend: „Is dit de heer van wiens vader gij mij zooveel verteld hebt ? Groot is ons geluk hem te ontmoeten en te leeren kennen, vooral nu hij zoo hoog in aanzien is gekomen! God behoede hem," en hij sloeg een kruis. Wie zou niet gelooven, dat zij met ons waren opgegroeid? Don Diego bood hem zijn diensten aan en vroeg hem zijn naam. Juist kwam de waard om de tafel te dekken en van de grap de lucht krijgend, zei hij: „Laat het hierbij, na den maaltijd is er tijd genoeg, want het eten wordt koud." Een der schavuiten kwam en zette stoelen klaar voor een ieder en een leuningstoel voor don Diego,

Sluiten