Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vormig tegenwicht van een ophaalbrug. Hij riep : „Ziet de armoede en de beproeving, die de Heer den geloovige oplegt (94)!" Als er eene vrouw voorbijkwam, sprak hij haar aan met: „Mooie tenora, God zegene uwe ziel." En omdat hij haar mooi noemde, gaven zij hem aalmoezen en gingen dezen kant uit, ofschoon het niet in haren weg lag. Iederen krijgsman die voorbijkwam, noemde hij : „ Heer, kapitein", én ieder ander, wien ook: „tenor caballero". Als iemand in eene koets reed, noemde hij hem: „tenor'ui" (zie pagina 4), en als een geestelijke op een muildier zich vertoonde, was het: „Heer aartsdeken", kortom zijn voorraad vleiende termen was onuitputtelijk; ook hield hij er een bijzondere manier van bedelen op na op heilige dagen. Ik kwam op zoo'n goeden voet met hem dat hij mij een geheim openbaarde, dat ons in een paar dagen rijk maakte. Deze bedelaar hield er namelijk drie kleine jongens op na, die aalmoezen ophaalden op straat en stalen wat zij konden; zij gaven daarvan rekenschap aan hem en hij behield alles. Voorts deelde hij in de helft van de opbrengst, die een paar kinderen dqpr het toelaten van ontuchtige handelingen verkregen (95).

Overeenkomstig de raadgevingen van zulk een groot meester in het vak en de lessen die hij nuj gaf, nam ik dezelfde hulpmiddelen te baat. Hij wees mij den weg in al de sluippaden van het bedelbedrijf. In minder dan een maand had ik meer dan twee honderd realen schoon verdiend. Ten laatste onthulde hij nuj, want wij waren voornemens te vertrekken, het grootste geheim en den meest vernuftigen streek die ooit in het brein van een bedelaar is opgekomen en dien wij daarna met ons beiden in toepassing brachten, te weten:

Sluiten