Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wenschelijk een oogenblik bij deze merkwaardige figuur stil te staan.

Door zijn onstuimigheid en roekeloosheid zag Osuna zich in vele gewaagde ondernemingen geplaatst, waardoor hij in 1602 in de gevangenis raakte. Hij wist naar Frankrijk te vluchten, waar hij aan het Hof van Hendrik IV een goed onthaal vond. Het verblijf aldaar beviel echter den trotschen grande niet en hij trok naar de Nederlanden om op die slagvelden („het gemeenschappelijk graf van Europa", zooals Justus Lipsius in zijné brieven aan Quevedo die noemt) zijn vaderland en koning te dienen. Door schitterende wapenfeiten blonk hij uit. In een dier gevechten kreeg hij een schotwond, waarvan hij vele jaren nog hinder had. Maar ook hier was zijn verblijf van niet langen duur, daar hij op verzoek van aartshertog Albrecht van Oostenrijk, wien de tegenwoordigheid van den ook in politieke aangelegenheden zich mengenden hertog de Osuna niet aangenaam was, naar Spanje werd teruggeroepen. Hij zag zich, na zijn roemrijke daden, aan het Hof te Madrid weder in eere hersteld en het gelukte- hem de verloving van zijn zoon, den markies de Penafiel, met Isabella de Sandoval, de dochter van den hertog de Uceda en kleindochter van den destijds alvermogenden eersten minister, den hertog de Lerma, te bewerken. Kort daarna werd Osuna tot Onderkoning van Sicilië benoemd, en toen had de ontmoeting met Quevedo plaats, bij welke gelegenheid de hertog dezen had voorgesteld hem als vriend en raadsman daarheen te vergezellen. In den aanvang van 1611 viel het hierboven vermelde tweegevecht voor met een aanzienlijk edelman dat voor dezen een noodlottigen afloop had, tengevolge waarvan Quevedo vluchten moest. Hij

Sluiten