Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het geestelijke, waarin alleen deze kracht is. Dit is dus de reden waarom er niets in de natuur ontstaat, dat niet uit het geestelijke is en door middel daarvan.

Er zijn twee middelijke oorzaken in de Natuur, waardoor ieder gevolg wordt bewerkt, of iedere productie of formatie, welke daarbij optreedt; de middelijke oorzaken zijn licht en warmte ; licht wijzigt de substanties, en warmte zet die in werking ; beide zijn van de tegenwoordigheid van de zon daarin. De tegenwoordigheid van de Zon, die als licht verschijnt, maakt de werkzaamheid der krachten of substanties van elk individu naar mate van den vorm waarin het uit de schepping is, dit is de wijziging. De tegenwoordigheid der zon welke als warmte wordt waargenomen zet de individuen uit en produceert de actieve en uitwerkende kracht naar mate van hunnen vorm, door den aandrang (conatus) in werking te stellen, waarin zij uit de schepping zijn, de aandrang (conatus) welke door de warmte eene werkende kracht wordt, zelfs in de kleinste vormen der Natuur, is uit het geestelijke, in hen werkende en op hen inwerkende. (A. V. 1206).

95. (2). Dat de natuur in zichzelve dood is, geschapen opdat het geestelijke door haar vorm zoude kunnen aannemen, welke tot nut zoude dienen en zoo dat het zoude kunnen termineeren.

De natuur en het leven zijn onderscheiden twee. De natuur begint van de zon der wereld en het leven begint van de zon des hemels. De zon der wereld is zuiver vuur, en de zon des hemels is zuivere Liefde ; wat voortgaat van de

Sluiten