Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELEONORA'S POLL.

HET waren blijde dagen voor de schoone Eleonora, toen zij heer Herman had ontmoet. Want y^'was het, om wiens wil zij tot dusver had geleefd, zonder dat ze dit wist. Zoo zij vroeger had gelachen, was het door hem geweest, die niet nabij stond en toch nabij; en zoo zij had geleden in onbewuste droefgeestigheid, wélke der vrouwen is, geschiedde dit, omdat ze hem nog niet had gezien en toch al van hem droomde. Zooals de mannen het werk hebben, bezitten de vrouwen de liefde. Heer Herman dacht, nadat hij haar aanschouwd had:

„Voor deze vrouw zal ik willen strijden", en hij zeide haar d!t. Wat antwoordde ze hem? Het eeuwig antwoord der liefde:

„Mijn leven is het uwe."

Doch toen ze haar moeder bekende, dat ze heer Herman minde, zei deze:

„Voor een ander heb ik u bestemd, mijn kind!" Ze fluisterde:

„Wie is die ander, moeder?" „Zweder."

Zij wist, dat hij haar niet liefhad, doch wel haar goed, en ze smeekte:

„Dezen man niet." Men luisterde niet naar haar. Men wilde, dat ze Zweder zou huwen, en op haar sterfbed zei de moeder:

„Ge moet heer Herman verzaken, mijn kind!" Za fluisterde: „Moet ik?"

„Zweer, dat ge Zweder zult volgen." Zij zwoer het, en de moeder stierf, gelukkig glimlachend na haar dood, zooals zij allen, die het leven welbereid achter zich laten! Eleonora wilde haar eed niet gestand doen en niet breken. Als Zweder haar vroeg, hem te huwen, zocht ze listige voorwendsels, want ze hoopte, dat het geluk zou komen. Ze zat eenzaam op den Wildenborch en ze wachtte

Sluiten