Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omstak het gebak met klimop, dat den aaraen scnuici bedekte, zoodat het scheen, of ze haar gave bood in een krans van groene bladeren. Ze wilde de koek dragen tot aan de groeve: Herbert bracht ze naar beneden. Wel klopte haar hart van angst, toen zij zag, dat dichtbij vanonder een struik, zich een groot hoofd naar voren schoof, en een groen oog haar bestaarde, maar zij hield zich moedig; en rustig, nadat Herbert weder boven gekomen was, schreed zij naast hem, huis-toe.

Den volgenden dag was Herbert naar den kuil gegaan. In de diepte had hij den aarden schotel gezien. De klimopbladeren lagen ernaast."

Toen zweeg Scholte Lodink. Hij knikte even zijdi dochter toe en wendde zich vervolgens naar Albrecht. Wilde hij den jongen man iets zeggen? Zijn dichte wenkbrauwen had hij hoog opgetrokken, er lagen rimpels in t voorhoofd, en diepe groeven om den mond.

Na zijn verhaal was 'tgesprektusschenmoederChristine, ' lohanna en Albrecht slechts traag. Er was één woord in \ hun brein — doch hoe verschillend van klank — dat hun lust tot praten stremde: Herbert.

Moeder Christine dacht het met woede. Haar man - de Scholte - had de vertelling al wel eerder gehoord, doch hij had op een goede gelegenheid eewacht, om ze mede te deelen. Hij had weder waarlijk Setoond, dat hij een oud soldaat was, die zijn wapens op 't miste oogenblik gebruikt, niet te vroeg en niet te laat. Ze moest het zichzelf eerlijk bekennen, dat hij de sterkste geweest was. Ze zou later wel eens kijken, besloot zy stil. 't Spel was nog niet voor hem gewonnen. , lohanna gevoelde den klank van het woord „Herbert als een zoete troost. Zooeven had ze hem gezien. Krachtig ging hij over den weg. Hij had haar met een glimlach vol vertrouwen gegroet. Wie was tegen hem bestand? Er bestonden geen gevaren voor hem. Zelfs in den Wittewijven-kuil was hij gedaald, en waarom? Om zyn dank-

Sluiten