Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die een hond omsingelen, sluiten zij zich in een kring, tot de benarde mensch zich niet meer weet te verweren. Geen gevaarlijker witte wiven, dan die uit Tubbergen! Ze weten, wanneer ze een menschenziel kunnen vangen.

't Was een groot verdriet voor den boer, dat hij zijn vrouw had verloren.

Want het zijn menschen der eenzaamheid uit deze streek, trotsche droomers. In geheel Nederland vindt men niet gemakkelijk lieden, die zoo hun gedachten weten te verbergen, en, wat ze eens lief hebben gehad, vergeten ze nooit, daar zij moeilijk de poort van hun hart ontsluiten. Zij toonen geen vreugde en geen smart. Altijd is hun wezen stug. Wie ze veel ontmoet heeft, denkt aan hen met schreiend heimwee terug — en waar hij woont, de menschen van Overijsel kan hij nooit vergeten.

Niemand sprak woorden van troost tot den boer, die zijn vrouw verloren had. Des avonds kwamen zijn buren bij hem, 't lampje brandde, en zij tuurden met hem in 't licht. lederen avond weder namen zij in stijve houding afscheid — moeilijk de zinnen vindend, welke bij het afscheid worden gezegd — dan blies de boer 't licht uit, en gesterkt door hun gezwegen troost, kroop hij in zijn bedstede. Den volgenden dag was hij klaar voor zijn werk, want hij had te zorgen, dat zijn kind door 't leven kwam.

De buurvrouwen wilden wel voor 't kind zorgen, dat het gewasschen en gekleed werd. De boer verbaasde zich met, dat het steeds zoo goed voor den dag kwam, even zoo, of de moeder het hielp. Nooit vroeg hij, wie het oppaste. Hij zou hetzelfde voor zijn buren hebben gedaan, wat ze nu voor hem deden, en des avonds in de stilte vroegen ze hem niets.

Het is echter bekend, dat vrouwen onder elkander meer praten dan mannen, en eens, toen de boerinnen uit de streek tezamen waren, bespraken zij, hoe flink het kind groeide en hoe er een waarlijk-moederlijke hand voor waakte. Ze meenden, dat nu degene, die zoo deugdzaam was

14*

Sluiten