Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet tevreden! Op een dag liet hij Joost bij zich komen.

„Hoor eens! ik moet een rijtuig hebben met vier paarden, die nooit moe worden." _ -

Dat bracht de knecht ook in orde! Je kon doktor Faustus vaak zien uitrijden, en dan ging hij, hu! als de wind naar Konstantinopel, heen en terug.

Het gebeurde ook wel eens, dat hy naar Bommel wilde.

„Inspannen, Joost! Maak eventjes een brug over

de'Waal!" , . . , , .

Dan liep de goede Duivel naar de rivier en bouwde in een ademtocht een stevige brug, waarover de doktor het prachtige rijtuig voeren kon. Nauwelijks echter was hy aan de overzijde, of hij floot.

Toost I je weet, ik kan de lui van Bommel niet uitstaan. Zorg gauw, dat de brug weer afgebroken wordt, anders maken ze er gebruik van."

Nog eerder dan de pont gereed was, werd zy weer

gesloopt. , 11 t •

Wat er niet al van doktor Faust wordt verteld. Ja, ja, de wonderen zijn de wereld nog niet uit, en't staat gedrukt ook, dus is *t even waar als de krant. Eens kwam de geleerde man een herberg binnen, en nep om een vat Tielsch bier.

De waard sjorde en rolde met veel gezucht en geklaag de zware vracht voor zijn voornamen gast : tot verwondering van allen ging deze erop zitten, en daar reed hy de kroeg uit, net of hij op een Arabischen hengst zat. Huppelend en steigerend en zich voorover neigend en dan weer achteruit werpend, voer hem het vat Tielsch bier tot aan het kasteel, waar doktor Faustus afsteeg, en Joost riep Hij had hem natuurlijk weer wat te ordonneeren, en eiken dag prakkizeerde hij wat nieuws. Als zoo n geleerde bol eenmaal daarmee begint, kan er alevel wat gebeuren. Om een voorbeeld te geven!:

Eens, dat hij meel had gekocht, liet hij t naar de ■ gracht rijden, en hij beval, dat men de kostelijke waar

Sluiten