Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verstandig, ja zelfs wetenschappelijk wil te werk gaan een bron van voldoende menschelijke zekerheid. Het zou absurd, ja ook onwetenschappelijk zijn, zulk een getuigenis te negeeren, of als geheel waardeloos van de hand te wijzen.

Wilde men nu de voorstanders van het huidige Centrum, die niets anders zijn dan voorstanders der richting-Bachem, gelooven, dan zou zulk een getuigenis niet bestaan.

Niets is intusschen minder waar. Maar de geschiedenis is hieromtrent nog al verwrongen of liever gezegd door de voorstanders der richting-Bachem nog nooit geschreven. En toch zulk een getuigenis bestaat.

De mannen der Paaschdinsdag-conferentie, die allen in deze bevoegde beoordeelaars zijn en die tot deze bijeenkomst ter onderzoeking en bespreking van de moderne aangroeiende geestesstroomingen door meer dan één Duitsch bisschop waren aangepord, hebben ons dit getuigenis verstrekt.

Wijl hieromtrent zelden of nooit, zooals gezegd, een juist historisch overzicht is gegeven, zal ik zulk een kort overzicht hier laten volgen. Zulk een kort overzicht werd onlangs gegeven in de „Petrus-Blatter" van Trier, dat zeer juist en vertrouwbaar is. Ik geef het hier vertaald weer. (l)

Na het heengaan der oude leiders van het Centrum was eerst langzamerhand, vervolgens vrij spoedig toenemend in de katholieke gelederen eene vreemde, eene nieuwe richting opgekomen.

In den beginne dook het spookbeeld op der katholieke inferioriteit of minderwaardigheid, dat den Katholieken de oogen voor eene vlucht in de moderne kuituur en dezer verkregen rechten openen moest. In stede van de ware gronden van zulk eene „achterlijkheid" aan te toonen — als in 't algemeen van achterlijkheid sprake kan zijn, gelet op de grondwettelijke positie van den katholieken godsdienst en diens onloochenbare, eeuwenlang beproefde superioriteit bij de oplossing der gewichtigste en eigenlijke levens- en kultuurvragen —, werd deze door de tegenstanders steeds tot dekking hunner aanvechtingen en vijandige gezindheid naar voren geschoven bewering aangenomen als zijnde in de kern zeer juist. De Katholieken stonden in meerderheid verrast en als verbluft over deze bewering, welke zij vernamen uit

(1) Ik wil hier de gelegenheid te baat nemen, om even mijne bevinding over deze „Petrus-Blatter'' weer te geven.

De „Petrus-Blatter" van Trier, die wekelijks verschijnen, behooren tot die periodieken, die door al wat zich niet-integraal katholiek heet, op zijn heftigst bestreden worden. Het blad behoort tot de „Quertreiber" — dwarsdrijvers, tot het gilde der verketteraars, tot de onrust- en tweedrachtstookers enz. enz. Tot het koor van hen, die in de grofste termen op de „Petrus-Blatter" schelden, behoort goeddeels ook de Nederl. Kath. Pers, die blijkbaar dit periodiek niet kent tenzij uit de kolommen van de „Köln. Volksz." van Julius Bachem. De Petr. BI. behooren echter tot de meest zaakrijke, meest bezadigde en meest hoogstaande kath. tijdschriften, welke ik ken. De Nederl. kath. Pers kan er alleen op schelden, omdat zij nooit kennis nam v den inhoud van dit eminente weekblad.

Sluiten