is toegevoegd aan uw favorieten.

In twee werelddeelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in dien zin van 't woord is het grootste van alle schepselen . . . Satan ! En dien gelukt het sléchts al te goed om velen — ook onder Gods kinderen, die beter behoorden te weten — te verlokken om ■eigenlijk met hun vele gaven alleen zichzelven op •den voorgrond te plaatsen. Hetgeen voor den geloovige des te erger is, omdat die dat doet onder voorwendsel dat het „ter eere Gods" geschiedt; welk voorwendsel niets anders is dan een blinddoek over den algemeenen blinddoek van zelfzucht heen. Wèl had David reden om te bidden: „Houd uw knecht ook terug van trotschheden ; laat die niet over mij heerschen; dan zal ik oprecht zijn en rein van groote overtreding. Laat de redenen mijns monds en de overdenking mijns harten welbehagelijk zijn voor uw aangezicht, o Heere, mijn Rotssteen en mijn Verlosser!" (Psm. 19 : 14, 15)

De grootheid van een mensch zit niet in zijn verstand, maar in zijn karakter, in zijn hart. God alleen is groot; de grootste onder de menschenkinderen is niet hij, die het meeste weet en het meeste kan, maar hij, die in waarheid het minste van .zichzelven denkt, die in oprechtheid niets anders van zichzelven weet dan dat hij de geringste is. Paulus, in de kracht des levens, schrijft aan de Corinthiërs: „Ik ben de minste der apostelen '. (1 Cor. 15 : 9) Op lateren leeftijd noemt hij zich „den allerminste van al de heiligen". (Ef. 3 : 8) Maar aan het einde van zijn loopbaan, als hij „den goeden strijd gestreden, den loop geëindigd en het geloof behouden heeft", belijdt hij: „Christus Jezus is in de wereld gekomen om de zondaren zalig te maken, van welken ik de voornaamste ben'. (1 Tim. 1 : 15) Deze daling van zelf-