is toegevoegd aan uw favorieten.

In twee werelddeelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omtrent Van Raai te mededeelen. Slechts eens, als een-en-twintigjarig jongeling, had ik het voorrecht nader met hem in aanraking te komen. Dat was in den zomer van 1866, toen hij met zijne echtgenoote van Mei tot September in ons vaderland doorbracht. Toen was bij een middag de gast mijner moeder. Mijn vader — zijn oude vriend en medestrijder uit de eerste dagen der Afscheiding — mocht hij hier beneden niet weer ontmoeten; die was den ien November 1862 ontslapen. Van Raaltes persoonlijkheid maakte toen dieoen indruk op mij. Nóg zie ik hem aan tafel: kort van gestalte; iets, bijna onmerkbaar, gebogen; mager; grijzend haar; breed voorhoofd ; heldere grijze oogen: vastgesloten lippen: opgewekt maar ernstig in gesprek; het geheele gelaat dat van een man, die helder dacht, zonder aarzeling Toegreep, eerlijk en koppig handelde en volhardend doorzette. *t Was zooals Dosker later schreef: „In hem waren drie volksaarden belichaamd : de voortvarende Franschman, de degelijke Duitscher en de volhardende Fries. Uit zijn stamboom toch vloeide drieërlei bloed in zijn aderen". En wat mij toen het meest trof: het kostte eenige moeite om hem over zichzelven en over Amerika te doen spreken; hij kwam om te hooren en niet om te vertellen. Van het gesprek aan tafel weet ik dus niets meer ; dat boeide mij niet.

En in den zomer van 1899 stond ik bij het graf van Van Raalte in Holland, Michigan, na het ruwe. eenvoudige blokhuis in oogenschouw genomen te hebben, dat als getrouw model van Van Raaltes eerste woning in zijn nieuwe volkplanting opgericht is. Het oorspronkelijke is vernield door den brand, waarin