is toegevoegd aan uw favorieten.

De muzikale reis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat we van het „onderwerp, dat hij bij het componeeren voor oogen had" het portret in muziek herkennen, het portret van de 18e eeuwsche vrouw, wier eigenschappen m alle nuancen door de titels zijner muziekstukken zijn uitgestald : de „zachte en „piquante", de „betooverende", de „preutsche", de „wellustige", de „engelachtige , de „onnoozele". Waarlijk Couperin heeft van de muziek een taal der charme weten te maken.

Fransche geest m illustratieve muziek

De „Cent dessins" van Watteau zouden het beste bij die merkwaardige clavecin-muziek passen, die in de 18e eeuw in Frankrijk werd gecomponeerd. Voeg aan de aparte geteekende figuren een der bovenschriften uit Couperin's „b olies irancaises of Rameau's „Joyeuses" me en zij iUustreeren zoo'n muziekstukje geheel. Watteau werkt in een Spaansch-ltaliaansch tijdperk der Fransche kunst, den barok-stijl, die vol grillige overdrijvingen is en het geheele aanschijn van de wereld in een charlatanerie wil veranderen. De bespottelijke uitvinding der allonge-pruiken geeft reeds ieder menschelijk wezen een accent van misplaatste waardigheid, en het beste leeft men nog in domino en in pastoraal kostuum. Wat vindt men al niet uit! In de tuinbouwkunst scheert men de boompjes en kmpt er vogeltjes van. In de kleeding zoekt men het maskerade-kostuum en oefent zich in hoofsche galanterie en een sierlijk zwaaien met debepluimde muts. Alles heeft iets gechargeerds en tegelijk iets onafs: er ontbreekt nog de waarlijk aristocratische rust van de Rokoko aan. De bon-viveurs en de genieën