is toegevoegd aan uw favorieten.

De talen in het nieuwe Europa

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het aldus samengestelde Jiddisch is een Duitsch dialect, dat nog door de Joden gebruikt wordt in het oosten van Europa en dat velen van hen, die naar Amerika of naar elders verhuisd zijn, bewaard hebben als een voorvaderlijk erfdeel. De omstandigheid, dat het Jiddisch in Hebreeuwsche letters geschreven wordt, hoeft ons niet op een dwaalspoor te brengen omtrent zijn Duitsch karakter.

Het Vlaamsch en het Nederlandsen bieden verschilpunten aan; nochtans is er eigenlijk maar één letterkundige Vlaamsche en Nederlandsche taal. Deze taal verschilt in velerlei opzicht van het Hoogduitsch, maar zóó, dat het makkelijk valt de vormen van de ééne tot die van de andere te herleiden, en men aanstonds ziet, dat het twee dialecten van dezelfde taal zijn.

Anders is het gesteld met het Engelsch. Toen zij het vaste land verheten om zich in Groot-Brittannië te vestigen, hadden de Angelen en de Saksen een taal, die dicht bij het Nederduitsch en het Vlaamsch stond. Maar sedert hun vestiging is de ontwikkeling van hun taal haar eigen gang gegaan. De veranderingen, die zij hier onderging, waren van ingrijpender aard, dan die welke op het vaste land hadden plaats gehad. De invloeden, die zich nu deden gelden, waren andere dan die, welke zij op het vaste land ondergaan had. En het Angelsaksisch heeft daardoor zulk een afwijkend voorkomen gekregen, dat het vaak onmogelijk is de identiteit van woorden van denzelfden Germaanschen oorsprong op het eerste gezicht te herkennen. Zoo het Eng. father en het Duitsche vater nog veel op elkaar lijken, sister en Sekwester doen dit reeds minder, en oath en Eid hebben niets meer met elkaar gemeen. De afstand tusschen het Engelsch en de andere Germaansche talen is nog grooter geworden door de talrijke ontleeningen aan het Latijn en aan het Fransch: het Engelsche vocabulaire is half Romaansch geworden. Trouwens het Engelsch heeft zich sneller ontwikkeld dan het Duitsch; het heeft veel archaïsmen verloren, die het Duitsch nog bezit; de naamwoorden worden er niet meer verbogen, terwijl het Duitsch nog een vol-