is toegevoegd aan uw favorieten.

Ornithologia Neerlandica

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Genus Loxia Linnaeus.

Linnaeus, Syst. Nat., ed. X, 1758, p. 171.

Bij volwassen vogels kruisen de sterk gekromde onder- en bovensnavel elkaar; bij pas uit het ei gekomen jongen sluiten zij aan. De ondersnavel is daarbij vaker naar links dan naar rechts gebogen. Neusgaten geheel door dichte borstelvederen bedekt. Vleugels lang en spits, de eerste 3 zichtbare groote slagpennen bijna even lang en het langst. Staart diep ingesneden, kort, langer dan de halve vleugellengte. Loopbeen korter dan middenteen plus nagel. Seksen verschillend gekleurd, jongen gestreept. Het genus telt 3 species, die in verscheidene subspecies over hetpalaearctischennearctisch faunagebied verspreid zijn. In de oude wereld zuidelijk tot in het gebergte van het eiland Luzon (Philippijnen); in de nieuwe wereld zuidelijk tot Guatemala. Van alle 3 de soorten is een vertegenwoordiger in ons land aangetroffen.

Tabel ter bepaling der soorten.

1 Vleugels zonder duidelijke witte dwarsbanden

Vleugels met twee duidelijke witte dwarsbanden . . Loxia leucoptera bifasciata.

2 Grooter, snavel zwaarder. Ondersnavel aan de basis even breed als de gonys (kiel van den ondersnavel).

Vleugels langer dan 103 mm Loxiapytyopsittacus.

Kleiner, snavel slanker. Ondersnavel aan de basis korter dan de gonys (kiel van den ondersnavel).

Vleugels korter dan 103 mm Loxia cmuirostra.