Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Heere Jezus Christus treedt door zijn apostolische taak de gedachte aan Rome almeer in de ziel van Paulus op den voorgrond. En nu, reeds vele jaren heeft een groot onuitsprekelijk verlangen naar Rome het apostolisch hart van Paulus ingenomen. (Rom. 15:23). Ongetwijfeld, de Heilige Geest drong hem naar Rome en vorderde zijn hart, zijn leven, voor Rome op.

Menigmaal heeft de apostel zich dan ook voorgenomen, naar Rome te reizen (Rom. 1 : 13); maar het was blijkbaar de tijd des Heeren nog niet; tot nog toe werd hem de weg niet geopend, hoezeer ook zijn hart gedrongen werd *) (Rom. 15 : 22; 1 : 13). Thans heeft hij reeds te Efeze, vóór hij afreisde naar Achaje, zijn voornemen uitgesproken om naar Rome te gaan (Hand. 19:21), en dat voornemen houdt hem dan ook te Korinte rusteloos bezig. Alleen, de apostel bedoelt niet, dat hij opzettelijk en tot zijn einde in Rome zal arbeiden, 't Is alsof hij daaraan niet durft te denken; 't is alsof het niet kan. Zoo hij dan maar i'ers aan Rome mag doen; zoo hij dan maar eenig deel mag hebben aan de zegening van de Gemeente des Heeren te Rome! Zoo hij zich dan maar eenigszins in Rome verkwikken en aan de gemeenschap met de geroepenen van Jezus Christus aldaar zich verzadigen mag. En daarom overlegt Paulus dan: hij wil over Jeruzalem naar het Westen, naar het verre Westen, naar Spanje gaan; naar Spanje maar dan door Rome. Dan zal hij toch als Christus' apostel in Rome zijn; in Rome, dat zijn gedachten en zijn hart, zijn bidden en zijn verlangen vervult (Hand. 19:21; Rom. 15:24, 28). Alles spreekt den apostel gedurig weer van Rome. Gelijk Rome bij de Heidenen, de wereld door, geroemd werd en overal als een godin haar tempel ontving, — zoo gaat van de Gemeente van Christus te Rome zonder directen apostolischen arbeid, een steeds krachtiger roep door al de Gemeenten van Christus in' Azië, Macedonië en Griekenland (Rom. 1:8). De wereld gevoelt iets; de Gemeenten van Christus gevoelen iets, van Jeruzalem tot Illyricum toe (Rom. 15 : 19), bij het machtig dringen van den Heiligen Geest in het hart van den apostel naar de Gemeente van Christus te Rome, en daarmee naar het verre Westen van de wereld der volken. Maar alles spreekt tot Paulus ook van Jeruzalem.

*) De Heilige Geest liet blijkbaar een optreden van den apostel te Rome nog niet toe, hoezeer Hij er hem heendrong. De Gemeente van Christus te Rome kwam zonder eigenlijk apostolisch optreden door het Evangelie op, profeteerend voor de volken de vrijheid der Kerk van Christus, om naar het Woord van God als de Gemeente van Christus te leven, zonder iemands heerschappij te dragen, ofschoon zij aanspraak maakt op den dienst van hen, die Christus tot opbouwing van zijn Lichaam gegeven heeft, en daar mee van alle apostelen, — gelijk de apostel Paulus later uit Rome schrijft (Ef. 4: 1—16; Kol. 1 : 23—29).

Sluiten