Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de heilige apostelen, klagend roemen mag: „Zoo dan, ik zelf dien wel met het gemoed de wet Gods maar met het vleesch de wet der zonde."

GEEN VERDOEMENIS!

Zoo is er dan nu geen verdoemenis voor degenen, die in Christus Jezus zijn, die niet naar het vleesch wandelen, maar naar den Geest.

Romeinen VIII : 1.

Het Evangelie van den Heere Jezus Christus predikt en roemt de heilige apostel Paulus in zijn schrijven naar het Rome der wereld. Hij roept den eenigen naam uit, die onder den hemel tot redding en behoudenis van het menschenleven op aarde gegeven is, den naam van Jezus Christus.

Buiten dien éénen Christus is er geen heil, geen uitzicht en geen uitkomst.

Heel de menschheid heeft het verdorven.

Zij heeft in de wereld der Heidenen, waarvan Rome den roem draagt, de waarheid in ongerechtigheid ten onder gehouden, het schepsel geëerd en gediend boven den Schepper, en zichzelf, onder Gods rechtvaardig oordeel, onteerd en verkankerd in ongerechtigheid.

En ook in het Jodendom is de mensch, ondanks het goddelijk licht en de goddelijke instellingen, openbaar geworden en geoordeeld in de verdorvenheid der menschelijke natuur. Uit de werken der wet is geen vleesch gerechtvaardigd voor God.

Er is geen andere gerechtigheid voor God, dan die in het Evangelie van Jezus Christus geopenbaard is, de gerechtigheid, die God in en door den Heere Jezus Christus uit genade schenkt. Er is geen andere rechtvaardiging voor God dan alleen de rechtvaardiging door het geloof, waarin ook reeds Abraham en David in Israël roemden.

Jezus Christus is de ééne en eenige naam onder den hemel tot behoudenis gegeven.

De apostel heeft dien Christus gesteld tegenover Adam, den eersten mensch, aller menschen vader, door wien zonde en dood over heel de menschheid gekomen zijn. Tegenover dien eersten éénen mensch staat de tweede ééne mensch Jezus Christus, door wien zijn gerechtigheid en leven. De zonde heerscht tot den dood in heel het leven der

Sluiten