Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alle eigengerechtigheid bedrog. En ook de kroon en de roem, die de wereld biedt, zijn hier geheel zonder beteekenis.

Gerechtigheid? — Er is geen andere waarachtige gerechtigheid, dan de gerechtigheid Gods, de gerechtighid, die God schenkt. De geheele wereld is voor God verdoemelijk; de gerechtigheid, die uit de wet is, bestaat niet; alleen bestaat de gerechtigheid, die uit God is.

God rechtvaardigt; Hij alleen. Niet slechts in dien zin, dat Hij alleen hier rechtspreekt, en dat het dus enkel op zijn beschuldiging aankomt, waarbij alle aanklagers buiten Hem moeten wegvlieden. Maar ook in dien zin, dat er geen gerechtigheid van menschen voor God bestaat dan alleen de gerechtigheid, die Godzelf in zijn ontferming schenkt en toerekent, de gerechtigheid Gods in het Evangelie geopenbaard.

Wie zal dan beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? Zal God hen beschuldigen, hen veroordeelen in zijn rechtspraak? Zal Hij zijn uitverkorenen veroordeelen? Zal Hij hun de gerechtigheid ontzeggen?

Maar dan veroordeelde de Heere zijn eigen verkiezing!

Neen, God zal zijn uitverkorenen niet beschuldigen, niet veroordeelen. In hun verkiezing ligt hun rechtvaardiging van eeuwigheid vast. God, Godzelf, God alleen, die hen verkoor, rechtvaardigt zijn uitverkorenen. Naar en in zijn verkiezing heeft Hij hen ook gerechtvaardigd en verheerlijkt; en met zijn roeping komt zijn verkiezing tot hen, en komen tot hen zijn rechtvaardiging en zijn verheerlijking.

Wie zal dan beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? God is het, die rechtvaardig maakt!

Ja, wie zal de gerechtigheid van Gods uitverkorenen bestrijden? Wie zal ooit hun recht hun ontzeggen? Wie zal hen verdoemen?

Hun gerechtigheid is uit God, in den Zoon van God, in hun Middelaar en Verlosser, in den Christus, hun geschonken en door hen in geloof aanvaard, in geloof alleen.

Christus is hun eigendom door het geloof, en zijn gerechtigheid is de hunne! — wie zal dan verdoemen?

Wel, de Vader heeft al het oordeel den Zoon overgegeven, en Hem macht gegeven, het gericht te houden. Wie zal dan Christus' geloovigen verdoemen? Christus, hun Rechter, is zelf hun gerechtigheid.

Christus is het, die gestorven is. Hij heeft ten volle voor de zijnen aan Gods wet voldaan, en de straf der zonden voor hen geleden. Hij heeft het werk der verzoening in zijn sterven voor de zijnen volbracht.

Romeinen

16

Sluiten