Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaan is, plotseling een hevig angstgeloei hooren zal, wordt niet bewaarheid. Men schijnt zelfs het schreeuwen der dieren te versmoren. Afschuwelijker dan een verscheurend kermen van stervende dieren had kunnen zijn, is de stilte die op het abattoir ligt. Slechts bij tusschenpoozen hoort hij het rammelen van kettingen of het rinkelen van metalen voorwerpen, waartegen gestooten wordt, maar hij is er zeker van, dat al deze geluiden verband moeten houden met het sterven van een dier. Hij ondergaat de meest tegenstrijdige gewaarwordingen, heeft neiging om weg te loopen, maar voelt het volgend oogenblik een bijna onweerstaanbaar verlangen om naar het slachten te gaan kijken. Hij wordt heen en weer geslingerd tusschen afschuw en verlangen, tusschen angst en nieuwsgierigheid, totdat de bevrijdende oplossing komt, als zijn oom hem op de schouder tikt en zegt, dat hij hem volgen moet. Hoe komt het, dat zich ondanks afkeer en angst een opwindende begeerte van hem meester maakt, nu hij de zekerheid heeft het dooden van een schepsel te zullen zien? Bij de ingang van een trieste slachtcel staat thans een jongen, wiens hart hoorbaar schijnt te kloppen, in ademlooze spanning te kijken naar een stervend rund, dat de bijna van het sidderende en stuiptrekkende lichaam gescheiden kop in zijn bloed heen en weer beweegt. Dit is dezelfde jongen, die

6

Sluiten